Gesponsord

'Eén taal voor vastgoeddata versnelt ketensamenwerking en innovaties'

'Eén taal voor vastgoeddata versnelt ketensamenwerking en innovaties'
De panelleden tijden de Altera-kennissessie op de Provada met v.l.n.r. Mark Smits, Danny Gerritsen, Wendy de Ridder en Pim van Meer Redert. Foto: Kerry-Lynn Prince

Minder complexiteit, lagere kosten, betaalbare en duurzame woningen, gerichte besluiten, betere datakwaliteit en, niet in de laatste plaats, snellere innovatie: het zijn de voordelen wanneer ketenpartijen in de vastgoedsector één taal voor data gebruiken.

Over dit thema spraken vier panelleden – Danny Gerritsen (Altera), Wendy de Ridder (Vesteda), Mark Smits (vb&t) en Pim van Meer Redert (VORM/NEPROM) – tijdens de kennissessie ‘Eén taal voor vastgoeddata: samenwerken aan veilige en gestandaardiseerde data-uitwisseling’ op de Provada. Het goede nieuws: de bereidheid om iets te doen aan de versnipperde datalandschappen is groot.

Uniforme standaarden

Een rustig datalandschap, dat is de wens van Gerritsen, head of Digital & IT bij vastgoedbelegger Altera. Hij pleit voor uniforme standaarden, veilige gegevensuitwisseling en schaalbare oplossingen. 'We hebben een enorme afhankelijkheid van de data van verschillende partijen om ons heen, zowel bij het ontvangen als versturen ervan. Het is vaak appels met peren vergelijken. Daarom is het zo belangrijk dat we een soortgelijke taal met onze ketenpartners spreken. AI is zo goed als de data waarop het gebaseerd is. Zonder uniforme definities en betrouwbare gegevens ontstaat het risico dat AI verschillende antwoorden gaat geven op dezelfde vragen.'

Basis voor toekomstige toepassingen

Samenwerking in de keten is niet alleen efficiënter, het legt ook de basis voor toekomstbestendige toepassingen zoals AI en geavanceerde analyses. Daarover zijn de panelleden het hardgrondig met elkaar eens.

Wendy de Ridder: 'Veel datadefinities zijn gekoppeld aan softwaresystemen die je in het verleden hebt aangeschaft.' Foto: Kerry-Lynn Prince
Wendy de Ridder: 'Veel datadefinities zijn gekoppeld aan softwaresystemen die je in het verleden hebt aangeschaft.' Foto: Kerry-Lynn Prince

De Ridder, head of Digital Transformation bij Vesteda, een Nederlandse woningbelegger die zich voornamelijk richt op het middenhuursegment: 'Wij lopen tegen dezelfde problemen aan. Je ziet dat binnen een organisatie veel tijd wordt besteed aan het "schoon" krijgen van data. Het is ook belangrijk om binnen je organisatie één definitie voor data te hebben. Veel datadefinities zijn gekoppeld aan softwaresystemen die je in het verleden hebt aangeschaft. Stel, je wil van softwareleverancier wisselen, dan ben je vervolgens veel tijd en werk kwijt met migratie. Dat is zonde, want je kunt je tijd beter steken in waardecreatie.’

Ik vind wel dat bestuurders en leidinggevenden data veel meer moeten omarmen: ze nemen nog te vaak beslissingen op onderbuikgevoel”
— Van Meer Redert

Van Meer Redert, directeur Digitalisering bij bouwende ontwikkelaar VORM Holding, knikt. 'Ik ga graag een stap verder: data is niet het doel, maar gaat wel antwoord geven op al onze doelen. Dat roep ik al jaren. En we zijn er mee bezig. Als ontwikkelaars onder NEPROM hebben we al een gezamenlijke taal ontwikkeld met de woningcorporaties, nu gaan we dat ook doen met beleggers. Ik heb er veel leergeld voor betaald, maar het leidt uiteindelijk tot transparantie die hard nodig is. Er zijn zoveel problemen waar we als sector mee te maken hebben: naast woningtekort is er personeelstekort en materialenschaarste. En zo kan ik nog negen uitdagingen noemen. Gelukkig zie ik dat het belang van data meer en meer wordt omarmd. Aan de techniek ligt het niet. En er wordt ook al goed samengewerkt. Ik vind wel dat bestuurders en leidinggevenden het veel meer moeten omarmen: ze nemen nog te vaak beslissingen op onderbuikgevoel. Dat is op dit moment echt de snelheidsbepalende factor.’

Pim van Meer Redert (midden): 'Data is niet het doel, maar gaat wel antwoord geven op al onze doelen.' Foto: Kerry-Lynn Prince
Pim van Meer Redert (midden): 'Data is niet het doel, maar gaat wel antwoord geven op al onze doelen.' Foto: Kerry-Lynn Prince

Doel is om zelfde taal te spreken

Mark Smits, manager ICT & Innovatie bij vb&t, vindt het goed om te horen dat er steeds meer aandacht voor dit onderwerp is. 'Het gaat niet alleen om communicatie tussen mensen, maar ook tussen systemen, organisaties en ketenpartners. Dan is het maar beter dat dezelfde taal wordt gesproken. Zodat je er samen voor kiest om de juiste data en de juiste informatie op de juiste plek te krijgen. Je wil immers data als sturingsinformatie, in plaats van onderbuikgevoel. En als je echt wil samenwerken, zul je bij het begin moet beginnen. Echte samenwerking begint met afspraken over definities. Dan denk ik dat het een succes kan worden. Maar daarom zitten we hier vandaag ook bij elkaar.’

Smits vervolgt: 'Het doel is niet om alle data met elkaar te delen. Het doel is om dezelfde taal te spreken. Vervolgens bepaal je per situatie welke informatie je uitwisselt en onder welke voorwaarden.'

'Hoe meer transparantie, hoe beter', zegt Van Meer Redert. 'Want samen hebben we zoveel problemen in de markt op te lossen. Het nadeel van transparantie is dat je ook de fouten ziet. Maar dat moeten we accepteren; als we er maar van leren. Je hebt toch pijn nodig om te kunnen veranderen.'

Mark Smits en Danny Gerritsen kijken uit naar een rustig datalandschap. Foto: Kerry-Lynn Prince
Mark Smits en Danny Gerritsen kijken uit naar een rustig datalandschap. Foto: Kerry-Lynn Prince

De Ridder: 'Het gaat hier eigenlijk om twee dingen. Je wil in de eerste plaats een gezamenlijke definitie neerzetten. Maar dan is het vervolgens de vraag welke data je met elkaar deelt. Het gaat vaak ook om concurrentiegevoelige of strategische informatie. Dat je dit soort inhoudelijke data niet met andere ketenpartners deelt, is evident.'

Minder versnippering

Smits hoopt dat er over een paar jaar minder versnipperde datalandschappen zijn, dat ketenpartners dezelfde taal spreken. 'BIM is daar al een mooi voorbeeld van. Ik denk dat je naar een situatie gaat dat het stekkertje prikken is: je prikt in een gebouw en krijgt vervolgens alle informatie die voor jouw rol relevant is. Dat data echt verweven is met de gebouwde omgeving. Je haalt niet alleen relevante data er uit, maar je voegt ook informatie toe, onder de voorwaarde dat die actueel blijft.'

Ik denk dat je naar een situatie gaat dat het stekkertje prikken is: je prikt in een gebouw en krijgt vervolgens alle informatie die voor jouw rol relevant is”
— Smits

Van Meer Redert denkt dat die versnippering over een paar jaar technisch waarschijnlijk wel is opgelost. 'Maar de moraal van mijn verhaal: dit is verandermanagement. Iedereen die aanwezig is op de Provada, zal mee moeten in deze manier van samenwerken. Dat is echt niet in twee jaar opgelost. Maar we maken stapjes.'

Gerritsen kijkt er naar uit dat er op termijn een rustig datalandschap ontstaat waarin echt gefocust kan worden op innoveren. 'Dat de juiste data op het juiste moment beschikbaar is om relevante en betrouwbare oplossingen te maken, om processen te optimaliseren en om uiteindelijk tot een betere, datagedreven besluitvorming te komen.'

Dit artikel is gesponsord door Altera.

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.