nieuws

‘Ik wil het nóg betere verhaal over Breeam-NL vertellen’

Data en technologie

Claire van Staaij is de nieuwe voorzitter van de Adviesgroep Breeam-NL In-Use. De portfoliomanager van ING Corporate Real Estate moet toezien op de kwaliteit van hét duurzaamheidskeurmerk voor bestaande gebouwen in Nederland.

‘Ik wil het nóg betere verhaal over Breeam-NL vertellen’
Claire van Staaij

Dat lijkt gemakkelijk, want, zo stelt ze: ‘Eigenlijk staat het product al voor 95 procent.’ Maar eenvoudig is het allerminst. ‘De uitdaging is te blijven werken aan die laatste paar procenten.’

Natuurlijk, Claire van Staaij wist het ergens wel. Maar de confrontatie met die keiharde procenten deed haar toch even schrikken: bijna 40 procent van de kooldioxide-uitstoot in Nederland komt van gebouwen. ‘Dat is enorm. Dat wij met z’n allen zoveel rotzooi maken, en ons daar haast niet bewust van zijn, dat is niet goed. Daar moeten we iets mee.’ Vandaar dat Van Staaij zich gewillig en gemotiveerd liet uitnodigen voor een eerste vergadering van de Adviesgroep voor Breeam-NL In-Use. Om te onderzoeken of zij het voorzitterschap van deze groep op zich wilde nemen.

‘Het werd een interessante vergadering’, weet Van Staaij nog. Ze kwam al vrij snel tot de conclusie dat Breeam-NL als inhoudelijk product zo goed als af is. ‘Maar het voornaamste is dat het toegankelijker wordt om gebouwen met duurzaamheidskeurmerk Breeam-NL te certificeren. Zonder dat het afbreuk doet aan waar het keurmerk voor staat. Breeam-NL heeft een bepaalde statuur, daar moet je niet aan tornen.’ De Adviesgroepleden waren het met haar eens. En toen was Van Staaij voorzitter.

Verduurzamingsopgave is voor bestaande gebouwen

Sinds de introductie van het duurzaamheidskeurmerk voor bestaande gebouwen in Nederland in 2010 zijn er in totaal meer dan vierhonderd certificaten verstrekt. Dat lijkt een hoop, maar dat is het natuurlijk niet in het licht van de totale bestaande gebouwde omgeving bezien. En al helemaal niet als je bedenkt wat de verduurzamingsopgave is voor bestaande gebouwen. Meer dan 99 procent van de gebouwen in Nederland staat er al. Meer dan de helft (53 procent) van alle kantoren (zo’n 67.500) voldoet nog niet aan de minimale verplichting voor energielabel in 2023 (peildatum mei 2017). Werk aan de winkel dus.

‘Er zijn natuurlijk tal van argumenten om niet te verduurzamen’, weet Van Staaij. ‘En om niet met duurzaamheidskeurmerk Breeam-NL aan de slag te gaan. Als je eenmaal in een bestaand pand zit bijvoorbeeld, dan is het vrij moeilijk om alles overhoop te gooien om er een duurzamer gebouw van te maken. En als je het wel doet, wie gaat het betalen? Ook krijgen we te horen dat het veel tijd kost om met Breeam-NL te certificeren. En dat het keurmerk niet altijd even gebruiksvriendelijk is.’

Ambassadeurs van het keurmerk

Door te werken aan die laatste procenten van Breeam-NL In-Use hoopt Van Staaij ervoor te zorgen dat meer partijen met het keurmerk aan de slag gaan. Bestaande gebruikers spelen daarbij een belangrijke rol. Van Staaij: ‘We hebben de ‘usual suspects’ te pakken. De duurzame koplopers, nog geen 10 procent van de markt. Deze investeerders zien de meerwaarde van het keurmerk. En deze duurzame pandeigenaren zijn intrinsiek gemotiveerd om hun gebouwen naar een hoger niveau te tillen. Dit zijn dé partijen die je als ambassadeurs kunt inzetten om het keurmerk verder te brengen. Zij moeten andere partijen gaan vertellen dat het werkt. Dat je gebouw er beter van wordt. Dat je hogere huren kunt vragen. En dat medewerkers er prettiger in werken. Dat gebeurt nu nog te weinig.

Verder vindt de nieuwe voorzitter het belangrijk om aan de toegankelijkheid van Breeam-NL te werken. Een goed voorbeeld hiervan is de ontwikkeling van de portfolio-aanpak met Breeam-NL. Het is vanaf nu mogelijk om niet alleen een enkel gebouw op duurzaamheidsprestatie te beoordelen met Breeam-NL, maar in een keer alle gebouwen binnen complete portfolio’s. ‘Kijk, dan wordt het interessant. Ook voor beleggers. Die kijken niet naar één gebouw. Die willen de duurzaamheid van een complete portefeuille weten.’

Deze portfolio-aanpak smaakt naar meer, als het aan Van Staaij ligt. ‘Wanneer we dit soort slimme producten en handige tools goed kunnen laten aanslaan bij de markt, dan komt er versnelling op gang, daar ben ik van overtuigd. We zullen onze gebruikers moeten blijven verrassen met iets vernieuwends. En wij, maar ook onze gebruikers, zullen het nóg betere verhaal over Breeam-NL moeten vertellen.’

Claire van Staaij

Claire van Staaij is jurist van huis uit. In 1993 kwam zij in aanraking met de vastgoedsector. Toen was duurzaamheid nog nauwelijks een onderwerp. Bij ING kreeg zij een aantal belangrijke internationale ontwikkelingsprojecten onder haar hoede, zo kwam Van Staaij voor het eerst echt in aanraking met duurzaamheid. Daarna is de aandacht voor duurzaam vastgoed almaar toegenomen. In haar huidige functie bij ING is zij verantwoordelijk voor het vastgoed voor eigen gebruik van ING in de Europese groeimarkten en Nederland. Omdat Van Staaij zich maatschappelijk verantwoordelijk voelt een bijdrage te leveren aan het verduurzamen van de gebouwde omgeving, heeft zij de functie van voorzitter van de Adviesgroep Breeam-NL In-Use aangenomen. Zij volgt daarmee Hans Copier op, die zes jaar voorzitter was.

Over de auteur
Mathijs Timmers is tekstschrijver en werkt voor Dutch Green Building Council en Breeam-NL.

Dit artikel verscheen in Vastgoedmarkt van mei 2018.

Reageer op dit artikel