blog

Ook Rudy Stroink valt in het integriteitsmes van het OM

Financieel

Er gaat in de vastgoedsector een hardnekkig verhaal de ronde, dat veel lijkt te zeggen over de integriteitsmentaliteit van TCN-oprichter en voormalige eigenaar Rudy Stroink.

Ook Rudy Stroink valt in het integriteitsmes van het OM
Ruud de Wit

Het verhaal gaat terug naar de periode dat TCN eind vorige eeuw nog gevestigd was in Nieuwegein en bezig was in een korte tijd uit te groeien tot een van de meest succesvolle vastgoedondernemingen in Nederland en ver daarbuiten. Na een bespreking van Stroink met vertegenwoordigers van Bouwfonds – op dat moment het grootste vastgoedbedrijf van Nederland -over een deal, meldde de topman van Bouwfonds – ook bekend als Mister 10 percent – zich bij Stroink voor de betaling van ‘zijn’ aandeel in de deal. Stroink zou de betrokken topman in niet mis te verstane woorden de deur hebben gewezen met als resultaat, dat de deal niet is doorgegaan.

Op mijn vraag, ooit, waarom Stroink deze zaak niet had aangemeld bij justitie en de commissarissen van Bouwfonds, haalde hij zijn schouders op. ‘Deze sector is ziek en staat bol van dit soort mensen die vooral uit zijn op eigen gewin. Als ik dit soort schandalige praktijken openlijk aan de kaak stel, werkt dat alleen maar in het nadeel van mijn bedrijf. Ik kies ervoor te zorgen dat mijn bedrijf integer is en dat al mijn werknemers onze gedragscode onderschrijven en er ook naar handelen. Dat wij daardoor soms geen kans maken om een deal te doen, nemen wij op de koop toe.’

Het is beslist ironisch dat Stroink (62) nu, zes jaar nadat zijn TCN mede door de vastgoedcrisis failliet was gegaan, samen met zijn toenmalige rechterhand en huidige vrouw Saskia van Bohemen (51) voor de rechtbank in Zwolle terechtstaat op beschuldiging van omkoping, witwassen, valsheid in geschrifte en lidmaatschap van een criminele organisatie. Een aanklacht die overigens slechts betrekking heeft op één zaak, namelijk de betrokkenheid bij mogelijk illegale betalingen in 2008 voor een bedrag van 1,7 miljoen euro aan een toenmalig Google-directeur, Simon Tusha via de obscure tussenpersoon Howard Weinberg. Deze betalingen moesten ervoor zorgen dat Google in ieder geval de huur van een TCN-datacenter in Groningen zou verlengen en mogelijk een nieuw datacenter in de Eemshaven van TCN zou kopen. Uiteindelijk ging alleen de huurverlenging door.

‘Omkoping? Daar had ik niet eens belang bij’

TCN verkeerde in 2008 in zwaar weer. Volgens het OM heeft de penibele financiële situatie van het vastgoedbedrijf van Stroink ertoe geleid dat hij – samen met zijn vriendin en directeur van de datacenter-portefeuille van TCN – tot de obscure ‘samenzwering’ met Tusha en Weinberg is overgegaan. Stroink ontkent echter in alle toonaarden iedere vorm van betrokkenheid bij iets illegaals, onder meer in een interview met De Volkskrant op 23 juli 2018. ‘Omkoping? Daar had ik niet eens belang bij!’ kopt de krant.

De verdenking door het OM, die twee jaar geleden vanuit niets het nieuws haalde, kwam als een schok voor iedereen die Stroink kent. Bij vriend en vijand. In het boek Vastgoedmarkt Veertig jaar, van mijn hand (2014), wordt Stroink neergezet als een van de meest prominente vastgoedpersonen in Nederland van de afgelopen vier decennia. Stroink vertrekt in 1986 als jong architect naar de Verenigde Staten en komt daar terecht bij de vermaarde vastgoedontwikkelaar en belegger Trammell Crow. Hij keert eind vorige eeuw naar Nederland terug en start een eigen vastgoedonderneming Trammell Crow Nederland, mede met Amerikaans kapitaal. In 2001 kiest Stroink ervoor alle financiële banden met de Amerikanen door te snijden en gaat met het bedrijf verder als TCN. Door zijn frisse en vernieuwende aanpak maakt het bedrijf in korte tijd een spectaculaire groei door, hoewel TCN altijd aan een zwak financieel draadje heeft gehangen.

Cashflow moest de kosten dekken

TCN was vooral het bedrijf dat zich richtte op het aankopen van bestaand, niet al te best renderend vastgoed. De cashflow moest daarbij in eerste instantie de kosten van de financiering dekken, totdat er voor het vastgoed een nieuwe invulling, functie en dus ook een beter rendement kon worden gerealiseerd. Het beste voorbeeld is daarvan is de geslaagde aankoop van het Media Park in Hilversum in 2003.

Stroink was daarbij voor TCN de centrale persoon, als inspirator, manager en voor sommigen zelfs als vastgoedgoeroe, hoewel hij ook – met name door zijn uitgesproken en als compromisloos ervaren mening over zaken als integriteit – veel tegenstanders had binnen het meer traditionele, gevestigde deel van de sector. Hem werd meermalen het verwijt gemaakt dat hij ten onrechte de sector de maat nam, terwijl tegelijkertijd diezelfde sector maar al te goed wist dat hij door de banken in leven werd gehouden, ondanks een alsmaar groeiende schuldenlast.

TCN was actief in tien landen

Zijn gebrekkige financiële armslag weerhield Stroink er overigens niet van om ook in het buitenland met zijn visie en overredingskracht aan de slag te gaan. Op het hoogtepunt van het bedrijf – rond 2007 – was TCN maar liefst in tien landen actief. Dat daaronder ook Rusland en Zuid-Afrika vielen – landen met een omstreden vastgoedreputatie – deed menig tegenstander serieus twijfelen aan de serieusheid van zijn ondernemerschap en met name TCN Rusland werd door menigeen gezien als een bewijs dat Stroink’s uitgesproken mening over integriteit met de nodige korreltjes zout moest worden genomen. Dat een collega hem als een ‘opportunistische voddenbaal’ typeerde, zag hij trouwens zelf als een compliment voor iemand die nooit onder stoelen en banken heeft gestoken dat hij eigenlijk het liefst minister wilde worden en als dat niet zou lukken, in ieder geval burgemeester van minstens een middelgrote stad.

Toen twee jaar geleden bekend werd, dat hij door het OM werd verdacht van hetgeen waarvoor hij nu terechtstaat, noemde ik hem een ‘tragische held in een Koningsdrama’. Dat klopt tot de dag van vandaag, temeer omdat hij in alle toonaarden blijft ontkennen dat hij iets in de Google-zaak zou hebben gedaan dat ethisch of juridisch verwijtbaar is. Wat ik tot nu toe heb gelezen en gehoord over deze zaak, overtuigt mij in de mening dat hij – net als zijn vrouw Saskia – geen witte boorden-crimineel of schurk is. Twee jaar geleden schreef ik: ‘Ik ben meerdere keren hard geweest in mijn oordeel over zijn managementkwaliteiten bij zijn onderneming TCN, maar heb hem ook altijd beschouwd als iemand die integer en fatsoenlijk was als het ging om vastgoed.’ En daar blijf ik bij.

Beschuldiging van een criminele organisatie

De beschuldiging van het OM, dat Stroink en Van Bohemen lid zouden zijn van een criminele organisatie slaat in mijn ogen in ieder geval nergens op. Maar ik vrees dat hen wel te verwijten is dat zij zich te weinig hebben gerealiseerd dat zij zich op glad ijs hebben begeven om Google via deze onorthodoxe deal met Tusha en Weinberg als huurder en belegger te strikken, vooral ten einde het voortbestaan van het eigen bedrijf TCN te redden. In de woorden van koningin Maxima enige jaren geleden: ‘Zij hebben een beetje dom gehandeld.’

Zelfs al zou de rechtbank in Zwolle het duo in het gelijk stellen en geen veroordeling uitspreken – wat ik betwijfel gezien de eis die er nu ligt – dan is het voorgoed gedaan met hun reputatie en geloofwaardigheid. Zo werkt het nu eenmaal bij echte en veronderstelde (vastgoed)fraudezaken waarmee het OM zich heeft ingelaten en waarover de media – zeker bepaalde kranten – op een uitgesproken manier hebben bericht. Daar kunnen talrijke voormalige collega’s van Stroink en Bohemen over meepraten. Het integriteitsmes van het OM snijdt diep, zelfs als geen vitale lichaamsdelen worden geraakt, en het bloeden als gevolg daarvan kan maar moeilijk worden gestelpt, mede dankzij een vaak twijfelachtige archief op internet.

Braafste jongetje uit de klas

Op veel steun vanuit de sector zal Stroink niet kunnen rekenen, omdat hij deze een decennium lang – met name waar het ging om integriteit – de maat heeft genomen. Kwalificaties als ‘moraalridder en inquisiteur’, die altijd het ‘braafste jongetje uit de klas’ wilde uithangen, raak je nooit meer kwijt. Toch hoop ik voor hem en zijn vrouw dat zij worden vrijgesproken. Dat zou zo maar kunnen, gezien de weinig overtuigende bewijzen van het OM. Maar dan volgt er ongetwijfeld een hoger beroep dat wederom minstens twee jaar zal duren. Daar komt nog bij dat een eventuele vrijspraak hun maatschappelijke en zakelijke positie niet automatisch hersteld. ‘Waar rook is, is vuur’ is nog altijd een veel gehoorde uitspraak.

Wat me bij deze rechtspraak verder verbaast, is dat de curatoren van TCN zich nu ook hebben aangesloten bij het OM en met forse schadeclaim van 7 ton zijn gekomen. Dat bedrag komt nog eens bovenop een veroordeling. Dat is ook een bedrag dat in ieder geval Stroink waarschijnlijk niet zo maar zal kunnen ophoesten, ook al is hij nu directeur van de trendy meubelfabrikant Pastoe. Privé heeft hij niet veel overgehouden aan zijn uiteindelijk teleurstellend afgelopen commercieel vastgoed-avontuur met TCN.

Tragische held in een koningsdrama

Daarmee is de zaak van het OM tegen Stroink en Van Bohemen inderdaad in de eerste plaats tot een koningsdrama verworden, met in de hoofdrol een tragische held die er niet in zal slagen aan zijn lot te ontsnappen, hoe zeer de sympathie van vrienden en voormalige collega’s ook bij hem zal liggen. In die zin betalen Stroink en Van Bohemen de prijs van de slechte reputatie van de hele vastgoedsector. Een aantal eerder veroordeelde vastgoedpersoonlijkheden zal dat kunnen bevestigen.

Over de auteur:
Ruud de Wit is voormalig hoofdredacteur van Vastgoedmarkt.

Reageer op dit artikel