blog

Pruimen

Geen categorie

De afgelopen twee maanden bracht ik voor een deel door in Cannes (vanwege de Mipim) en in Zuid-Afrika. Ik was dus niet in staat het begin van het Klimop-proces lijfelijk mee te maken.

De meeste media hebben het begin van het Klimop-proces grotendeels genegeerd. Niet ten onrechte, veel van wat er ter sprake kwam, was al in de media – vooral in het Financieele dagblad – breed uitgemolken. Daar dacht het Fd zelf dit keer ook zo over, want de blogs werden gevuld met bijdragen van externe ‘deskundigen en waarnemers’, terwijl een van de schrijvers van de criminele bestseller De Vastgoedfraude, Gerben van der Marel, daardoor een uitstapje kon maken naar de Mipim. Dat gebeurde weinig subtiel, zeg maar plat: hij legde het gewraakte boek op de loopplank van de boot van Jan Wieger van der Linden en Jan Kroese, zodat de cameraman van Nieuwsuur treiterende beelden kon schieten van vastgoedcoryfeeën die probeerden die boot te bereiken. Hoe goedkoop kan journalistiek zijn.

Het enige wat me tot nu toe over de eerste dagen van de Klimop-zaak is bijgebleven, is dat kindergedicht van Hiëronymus van Alphen: Jantje zag eens pruimen hangen. Het citeren door opperrechter Rino Verpalen van enige regels leidde tot een wrakingverzoek door de meeste verdachten. Als student Nederlandse Taal en Letterkunde heb ik dat achttiende eeuwse gedichtje ooit bestudeerd en herinner me dat Jantje er zonder buikpijn maar met liefkozende woorden van zijn vader (en een vijf, zestal pruimen) goed vanaf kwam. Volgens mij heeft de rechter daarmee aangegeven, dat hij de zaak als een ‘vader’ zal behandelen en dat de verdachten juist op veel clementie kunnen rekenen. Dat het wrakingverzoek voor twee verdachten is toegewezen, is daarom alleen al verbazingwekkend.

In Zuid-Afrika en Mozambique pakken ze dit soort vastgoedzaken minder gecompliceerd aan. In Mozambique hebben ze uit de affaire rond kroonprins Willem Alexander en diens Machangulo-project geleerd af te stappen van de wetgeving dat buitenlanders geen Mozambikaans grondgebied in bezit mogen hebben. Vrienden uit Maputo vertelden me dat nu nagenoeg alle fraaie plekjes langs de 2.000 km lange kust door buitenlanders op naam kunnen worden verkregen, mits er direct flink wat omkoopgeld wordt overgemaakt op rekeningen van hoge ambtenaren en ministers. Zelfs de president die eerder Willem Alexander zo welwillend bijstond bij zijn ontwikkeling langs de droomkust van Mozambique, schijnt ervan te profiteren.

In Zuid-Afrika loopt er al enige tijd een zaak tegen de opperbevelhebber van de Zuid-Afrikaanse politie, generaal Bheki Cele. Cele volgde in 2009 Jackie Selebi op, die inmiddels is veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijftien jaar wegens corruptie, maar wel op vrije voeten is in afwachting van hoger beroep. Selebi was overigens een vertrouweling van de door president Jakob Zuma van het politieke toneel verdreven president Thabo Mbeki. Nieuwe heersers, nieuwe vrienden, dezelfde corruptie.

Cele wordt door de nationale ombudsvrouw Thuli Madonsela van ‘oneigenlijk en slecht ambtelijk gedrag’ beschuldigd. Hij heeft namelijk een 500 miljoen rand (50 miljoen euro!) huurcontract getekend voor een nieuw hoofdkantoor voor de Zuid-Afrikaanse politie. Het betreft hier een tienjarig huurcontract voor het gebouw Middestad in de hoofdstad Pretoria, dat nu eigendom is van de 36-jarige vastgoedtycoon Roux Shabangu via diens Roux Property Fund. Dat het huurcontract echter werd getekend, maanden voordat Shabangu het achttien verdiepingen tellende Sanlam Middestad-gebouw daadwerkelijk kocht voor 220 miljoen rand (wat een jaloersmakend rendement!), kwam pas later naar buiten. Wel was al bekend geworden dat er door Cele geen wettelijk verplichte tender was uitgeschreven.

Er is over deze transactie al heel wat afgeschreven en gepraat in Zuid-Afrika, maar uiteindelijk vindt in de politieke kringen rond president Zuma niemand de deal met Roux Property Fund verkeerd of corrupt. Shabangu is dan ook een gulle financiële ondersteuner van Zuma.

In Zuid-Afrika is het herfst geworden en in de tien winkelcentra van Shabangu liggen op dit moment pruimen in de fruitschappen van de supermarkten. Grote, rode pruimen, dezelfde die Jantje in de achttiende eeuw zag hangen. Normen en waarden, het maakt allemaal niet zo veel uit tussen een eerste wereldland als Nederland en de derde wereld van Zuid-Afrika en Mozambique. De verleiding is groot, en zelfs al krijg je er buikpijn van, omdat je te gretig bent geweest, gestraft zal er niet worden. Ik begrijp dat zelfs Jan van Vlijmen (‘Jantje van Pruimen’), nog voordat het vonnis tegen hem is gevallen, al weer is begonnen met nieuwe, ongetwijfeld fantastische projecten.

Deze column is eerder gepubliceerd in Vastgoedmarkt april 2011.

Reageer op dit artikel