nieuws

Optimisme overheerst op Inrev-jaarcongres

Financieel

Vóór 2021 wordt geen recessie verwacht. De honger naar vastgoed houdt de komende jaren waarschijnlijk aan. Ingetogen optimisme overheerste op het Inrev-jaarcongres, dat vorige week plaatsvond in Venetië.

Optimisme overheerst op Inrev-jaarcongres

De congresgangers leken zich terdege bewust van de gevaren van een laatcyclische vastgoedmarkt, maar zien tegelijkertijd, geruggensteund door de lage rente, nog wel degelijk kansen in specifieke segmenten en geografische markten. Maar ook de ‘core’ markten van Europa zijn nog steeds erg in trek, zo bleek tijdens een paneldiscussie over de attractiviteit van de verschillende regio’s onder leiding van de congresvoorzitter Greg Clark. West-Europa kwam daarbij als de veruit favoriete bestemming uit de bus.

Keynote speaker Andrea Boltho weet zeker dat weer een recessie komt. ‘Maar waarschijnlijk niet vóór 2022’, zo hield hij zijn gehoor voor  in het Venetiaanse Hilton, waar de Europese branchevereniging voor niet-beursgenoteerd vorige week haar driedaagse jaarcongres hield.  De 79-jarige Italiaan, Director of Oxford Economics en emeritus hoogleraar van Oxford University, noemde veel argumenten ter onderbouwing van zijn zienswijze. Belangrijkste is dat China, al tien jaar de motor van de wereldeconomie, zijn huidige groeivertraging als gevolg van Trumps handelsoorlog nu voortvarend aanpakt met monetaire verruiming om de binnenlandse consumptie aan te jagen. Verder wees hij onder andere op de dalende werkloosheid in Europa, de economische groei, de stijgende lonen. En – niet onbelangrijk voor de vastgoedsector – ‘de historisch lage rente’.

In een poll gaf 82 procent van de congresgangers aan te verwachten dat de Eurozone over tien jaar nog bestaat. Voor Boltho is dat overigens nog maar de vraag als econoom. Hij wees op de toenemende spanningen tussen Noord- en Zuid-Europa, mede als gevolg van de sterk gestegen arbeidsproductiviteit in het noorden, terwijl de productiviteit in het zuiden nauwelijks is veranderd de afgelopen tien jaar door het gebrek aan hervormingen en investeringen in automatisering. ‘De kloof wordt steeds groter. Ik vraag me af of de euro in deze vorm een houdhaar concept blijft.’

Uiteenspatten euro

Als de euro uiteenspat zal dat een economische krimp veroorzaken van 25 procent. Een ware nachtmerrie. Ter vergelijking: na de val van Lehman Brothers in 2008 kromp de Europese economie met vijf procent. Toch verwacht Boltho, die zijn speech lardeerde met veel humor, dat dit schrikbeeld geen werkelijkheid zal worden. ‘Ik ben slechts een eenvoudig econoom, op een klein aantal populisten na willen alle politici de euro. Als Duitsland de euro zou verruilen voor de mark wordt die munt veel te sterk met alle gevolgen van dien voor de export. Ook in Zuid-Europa wil geen politicus van de euro af, zelfs de populisten van de Italiaanse Vijfsterrenbeweging niet, want daarmee zouden ze weer in de tweede divisie spelen.’

Jeroen Dijselbloem

Voormalig Eurogroep-voorzitter Jeroen Dijselbloem deed in zijn bijdrage een indrukwekkende oproep aan de politiek ‘zich niet te laten gijzelen door populisten maar door te gaan met hervormingen en de Europese integratie en fiscale harmonisatie’. Na de enorme stappen die zijn gezet na de crisis om de boel weer op orde te krijgen (bankunie, Europees Stabiliteitsmechanisme, monetaire verruiming, regelgeving) – ‘never waste a good crisis’ – verkeren we alweer enige tijd in een impasse.
Dijselbloem: ‘Er gaat veel kostbare tijd verloren. Maar angst voor populisme is een slechte raadgever. President Macrons antwoord op de gele hesjes in de vorm van zijn nationale debat is bewonderingswaardig. Misschien loopt hij op Europees vlak wat te hard van stapel, maar we zouden op nationaal niveau best wat meer Macrons kunnen gebruiken in Nederland, Duitsland en zeker in Italië.’

Italiaanse crisis

Hij verwacht niet dat Italië, de nieuwe zieke man van Europa, de oorzaak zal zijn van een eurocrisis. ‘Maar de Italiaanse regering moet niet de onvolkomenheden van de nationale overheid afschuiven op Brussel. Mijn analyse luidt dat de Italiaanse regering uiteindelijk wel de banken gaat aanpakken. Al gebeurt dat veel te langzaam.’
De voormalige Nederlandse minister van Financiën en Gesel van Griekenland tijdens de Eurocrisis toonde zich in tegenstelling tot Boltho opvallend mild over de voortgang van de hervormingen in Zuid-Europa. ‘Spanje, Portugal en Griekenland doen het best redelijk. Verval niet meteen in de reflex van de Noord-Zuid tegenstelling, de werkelijkheid is veel complexer. Ook in Noord-Europa zitten behoorlijke risico’s. Kijk bijvoorbeeld maar naar de Duitse bankensector.’

Europese kapitaalmarkt

Dijselbloem stelde dat Europa sowieso veel minder afhankelijk moeten worden van bankfinancieringen. ‘80 procent van de financieringen verloopt hier via banken, in Amerika gaat 75 procent via de kapitaalmarkt. De nieuwe Europese Commissie zal daarom moeten zorgen voor een goede integratie van de Europese kapitaalmarkt.’
Europa moet ook af volgens Dijselbloem ‘van de grote verwevenheid van banken en politiek. Zo stappen veel oud-ministers van Financiën na hun politieke carrière over naar bancaire sector. Of hijzelf die overstap gaat maken, liet de voormalige PvdA-bewindsman in het midden. Na zijn terugtreden uit de actieve politiek heeft hij zich vooral met zijn tuin bezig gehouden en het schrijven van een boek over de euro. Per 1 mei heeft hij een nieuwe baan. Desgevraagd wilde de oud-politicus nog niet zeggen wat het betreft.

Tijdens het congres werd ook de lang verwachte Europese Asset Level  Index gelanceerd.

Donderpreek

Als een dominee van een zwarte kousenkerk geselde een andere landgenoot, Ruud Veltenaar, zijn gehoor in de fraaie congreszaal van het Hilton Molino Stucky Venice. De keynote speech van deze trendwatcher, filosoof en professionele spreker – naar eigen zeggen ook verbonden aan het Massachusetts Institute of Technology (MIT), een van de meest prestigieuze technische universiteiten ter wereld – stond aangekondigd als een verhandeling over ‘meer geld verdienen als gevolg maatschappelijk verantwoord ondernemen’.
Maar het bleek vooral een donderpreek over de gevaren van klimaatopwarming. Veltenaar schiep daarbij een sardonisch genoegen in het confronteren van de congresgangers met hun magere klimaatkennis en zijn uiteraard eigen superieure inzichten. ‘Jullie zijn konijnen die straks met grote schrikogen wezenloos in de koplampen turen’, brieste hij. ‘Wij bij het MIT rekenen niet met een opwarming van 1,5 graad zoals afgesproken in de akkoorden van Parijs. Dat is allemaal flauwekul, een zouteloos compromis. In onze MIT-modellen rekenen we allang met 3,5 graad opwarming voor de tweede helft van deze eeuw.’Met priemende vinger: ‘Enig idee wat dat betekent?!’
Niet veel goeds ongetwijfeld. Maar met zijn gelijkhebberige toonzetting deed hij de klimaatzaak bepaald geen goed. Ook niet sterk was dat Veltenaar niet eens de moeite had genomen voor dit internationale gezelschap om zijn deels Nederlands-talige sheets van een Engelse vertaling te voorzien.

Reageer op dit artikel