nieuws

‘Bijna de helft van alle werkplekken ongeschikt voor hun doel’

Data en technologie

Van alle kantoorwerkers zegt 44 procent dat hun kantoor hen niet ondersteunt bij het uitvoeren van hun taken. Dat blijkt uit het rapport ‘The Next 250k’ van de internationale werkplekonderzoeker Leesman.

‘Bijna de helft van alle werkplekken ongeschikt voor hun doel’
Werkplek

Voor het rapport analyseerde Leesman de antwoorden van meer dan 250.000 werknemers in meer dan 2200 werkomgevingen in 67 landen. De studie gaat in op hoe een slecht georganiseerde werkomgeving een negatieve impact kan hebben op werknemers en hun vermogen om te presteren.

Hoewel er steeds meer aandacht is voor duurzame kantoorgebouwen en op de gezondheid en het welbevinden van medewerkers, laten de data zien dat velen het moeten doen met werkomgevingen die hun werkende leven niet optimaal ondersteunt. Het cijfer voor de Benelux strookt met het wereldwijde gemiddelde.

Algemeen directeur Gideon van den Burg van Leesman Benelux ziet bij kantoorgebruikers steeds meer interesse in het welbevinden en de gezondheid van medewerkers. ‘Hun mentale welbevinden zou de basis moeten zijn, waarbij de medewerkers optimaal worden gefaciliteerd in datgene wat ze elke dag moeten doen. Door de eindgebruikers centraal te stellen en de werkomgeving en faciliteiten op hen af te stemmen, worden zij in staat gesteld productiever te zijn.’

Vastgoedontwikkelaars die hierin voorop lopen zijn volgens Van den Burg Delta Development Group met projecten als het nieuwe hoofdkantoor voor offshorebedrijf Heerema en het duurzame kantorenpark 20/20 in Hoofddorp. Ook branchegenoot OVG stapelt duurzaamheid, de verworvenheden van gebouwsensoren en de effectiviteit waarmee werknemers in een gebouw presteren. ‘Je moet zoeken naar het optimum: alle lichten uit is heel duurzaam, maar in het donker werk je niet heel effectief. Hetzelfde geldt voor de bezettingsgraad van je werkplekken: 70 procent is wellicht goedkoper, maar als 60 procent productiever is, dan kies je daarvoor.’

Het rapport identificeert vijf kernthema’s voor organisaties om de productiviteit binnen kantoren te verbeteren:

  • Productiviteits-killers: werkomgevingen hinderen werknemers bij het uitvoeren van hun taken. Dit heeft zijn weerslag op de mate waarin zij trots zijn op hun werk én op het plezier dat ze hierin hebben. Denk hierbij aan de ruimte en scheiding tussen de werkplekken en het geluidsniveau.
  • De belangrijkste generatie: Leesman constateert dat de activiteiten die millennials uitvoeren de eenvoudigste zijn, waardoor zij ook de minste eisen stellen. De aandacht kan daarom beter worden verlegd naar de groep 35- tot 44-jarigen, die consistent het minst tevreden blijken te zijn.
  • Open ruimte versus privé-kantoor: het onderzoek toont aan dat zowel open ruimte- als cellen-oplossingen goed én slecht kunnen uitpakken. De werknemers die hun werkomgeving het meest effectief vonden, zaten in een open ruimte. Het demoniseren van deze omgevingen is dus onterecht.
  • Veranderingsprojecten zijn niet altijd succesvol: investeringen in renovatie of nieuwbouw moet volgens het management een aanzienlijk operationeel voordeel opleveren. De data tonen echter aan dat dit in de praktijk niet altijd het geval is.
  • Werkomgeving en gedrag bepalen effectiviteit: op basis van het Leesman-onderzoek onder 11.336 werknemers in 40 activiteit-gerelateerde werkomgevingen (waar werknemers uit een werkomgeving kiezen op basis van hun activiteit en voorkeur) kan worden geconcludeerd dat werknemers zelden op deze activiteit-gerelateerde manier werken. Werknemers passen hun werkwijze niet aan wanneer hun werkgever dat vraagt.
Reageer op dit artikel