blog

Circulair bouwen kunnen we al heel lang

Projectontwikkeling

Circulair bouwen kunnen we al heel lang

De versnippering en het gebrek aan integrale kennis met de daaruit voortvloeiende kosten in de bouw- en vastgoedsector staan al heel lang op de agenda.

In december 1996 publiceerde het toenmalige ministerie van Vrom het ‘Plan van aanpak duurzaam bouwen – deelplan Utiliteitsbouw’. Hierin werd voorgesteld om statiegeld op gebouwen in te voeren om het kortetermijndenken te voorkomen.

De nog steeds grote leegstand van kantoren en winkels, die gebouwd zijn voor één specifieke functie, is een grote bedreiging voor beleggers en daarmee ook de betaalbaarheid van toekomstige pensioenen. Gijs Verweij, voormalig ceo van Wereldhave, stelde in 2009 al: ‘De vastgoedsector heeft nood aan een andere kijk op de economische en maatschappelijke waarde van vastgoed. We moeten met z’n allen narekenen wat de werkelijke kostprijs van een gebouw is. Onze sector mompelt iets over een aanvangsrendement, maar met al die barren en narren lijkt het wel carnaval.’

Restwaarde hoger

Inmiddels is aangetoond dat panden die multifunctioneel zijn ontworpen, een veel langere levensduur hebben. Het beste voorbeeld zijn de grachtenpanden, met balklagen die met beperkte ingrepen zowel geschikt zijn voor ‘wonen’ als ‘werken’.

Mede als gevolg van het IFD-programma 1999-2015 (Industrieel, Flexibel en Demontabel bouwen) blijkt uit de gerealiseerde voorbeeldprojecten dat er geen economische belemmeringen zijn. Ook de werkelijk restwaarde van deze gebouwen is aanzienlijk hoger dan de traditionele oplossingen, door de levensduurverlenging en mogelijk hergebruik van het gebouw of bouwdelen.

Door een integraal ontwerpproces, waarbij logische keuzes worden gemaakt met slimme oplossingen, met minder materiaal en bouwvolume, meer prefabricage en een snellere bouwtijd, zijn ook de investeringskosten lager. IFD heeft geleerd dat slanke, lichte constructies ook een hoge brandwerendheid, een prima comfort, laag energieverbruik en hoge geluidsisolatie kunnen hebben.

Toegankelijke installaties

Multifunctionele gebouwen hebben toegankelijke installaties; niet boven het hoofd en afgedekt met systeemplafonds, maar in een holle vloer, dus ook geen leidingen ingestort in beton. Toen de grachtenpanden werden gebouwd, was beton onbekend!

Ook is het inzicht ontstaan, dat het dogma: ‘de bouwsector is conservatief’ vooral het gevolg is van gefragmenteerde belangen en lobby van grote industrieën. De doctrines van onder andere noodzakelijke ‘thermische en akoestische massa’ zijn achterhaald. Lichter en demontabel bouwen met een aantoonbare veel lagere milieubelasting is nu onderdeel van de Nationale Milieu Database.

Rapporteren over klimaatimpact

Het Klimaatakkoord, de maatschappelijke druk en vooral door de gerechtelijke uitspraak in 2015 van de door Urgenda geëiste reductie van de CO2 uitstoot hebben nu geleid tot een beleidsverandering.

De eerste aanzet van de conceptleidraden van CB 23 (Circulair Bouwen) in april 2019, door NEN in opdracht van de betrokken ministeries en Rijkswaterstaat, was nog weinig ambitieus.

In de nieuwe richtlijnen die zijn opgesteld, na de consultatieronde met een grote inbreng vanuit veel organisaties, kunnen opdrachtgevers ‘circulair bouwen’ en ‘total cost of ownership’, op laten nemen in de gunningscriteria.

Deze zijn te downloaden op de website van Pianoo: https://www.pianoo.nl/sites/default/files/media/documents/2019-07/Handreiking-Losmaakbaarheid-juli2019.pdf

Nu de financiële sector op 10 juli 2019 in het bijzijn van minister Wopke Hoekstra van Financiën het Klimaatakkoord heeft ondertekend en zich verplicht om vanaf 2020 te rapporteren over de klimaatimpact van zijn financiering en beleggingen, is er een extra beleidsinstrument beschikbaar.

Het gaat volgens de sector om 3.000 miljard euro en het Platform voor Duurzame Financiering gaat de beleggingen monitoren. Maar ook zullen de financiële instellingen hun huidige klanten aanzetten om minder CO2 uit te stoten en te verduurzamen.

Industrialisatie

Naast ‘losmaakbaar bouwen’ zijn er baanbrekende vernieuwingen om met nieuwe lichte constructiemethoden met optimale isolatie tegen koude en warmte en met elektrische verwarming gasloos te gaan bouwen.

Smart Building Design is betrokken bij deze initiatieven die voor zowel nieuwbouw als renovatie toepasbaar zijn en door de industrialisatie is de uitvoering mogelijk zonder de inzet van schaarse ‘vakmensen’. De betaalbaarheid van de energietransitie wordt daarmee ook – in stappen tot 2050 – realiseerbaar.

De Engelse onderzoeker David Cheshire publiceerde in 2016 voorbeelden, ook in Nederland, van ‘building revolutions’ en citeerde een Nederlandse ontwikkelaar: ‘the construction industry needs to be turned upside down and given a shake’.

Ook architecten zullen zich niet alleen meer moeten richten op ‘architectuur’ maar ook hun rol als integrale ontwerper van toekomstbestendige gebouwen weer gaan vervullen.

Over de auteur:

Ger van der Zanden was als oprichter van Smart Building Design in de periode 1994 – 2019 intensief betrokken bij de ontwikkeling en toepassing van slimme bouwconcepten.

Reageer op dit artikel