nieuws

Dik Wessels: ‘Gewiekst, doortastend en meermalen op het randje’

Loopbaan

De toch onverwachte dood van ondernemer Dik Wessels heeft ook in de vastgoedsector grote indruk gemaakt. Wessels overleed op 21 november op 71-jarige leeftijd, na al een aantal jaren te kwakkelen met zijn gezondheid.

Dik Wessels: ‘Gewiekst, doortastend en meermalen op het randje’
Dik Wessels

In het standaardwerk ‘Vastgoedmarkt 40 jaar’ wordt Wessels omschreven als ‘waarschijnlijk de machtigste en ook meest gefortuneerde vastgoedman van Nederland’. De bewondering voor Wessels is groot, ook al weet iedereen die ooit met hem te maken heeft gehad, dat hij gewiekst en doortastend was en vaak bij het zakendoen de grens opzocht van wat wel en niet geoorloofd is.

Lastige vragen

Eén ding gold beslist voor Dik Wessels: hij hield niet van journalisten en al helemaal niet van journalisten die hem met zaken confronteerden die hem niet aanstonden. In mijn periode als hoofdredacteur van Vastgoedmarkt is het me niet gelukt hem officieel te interviewen, waarschijnlijk omdat hij lastige vragen over zijn zakelijke en soms vriendschappelijke relatie met in opspraak gekomen vastgoedmannen als Piet van de Pol, Erik de Vlieger of Evert Kroon uit de weg wilde gaan. Maar hij heeft bijvoorbeeld ook nooit iets willen zeggen over de twijfelachtige deal van zijn investeringsvehikel Reggeborgh met het volledig op hol geslagen SNS Property Finance.

Ik heb Dik Wessels desondanks een aantal keren gesproken, meestal in een context van genodigden bij een vastgoedevenement. Wessels hield er overigens helemaal niet van om recepties en congressen te bezoeken of toe te spreken. Ik herinner me twee gelegenheden waarbij hij aanwezig was en wij met elkaar werden geconfronteerd.

De eerste keer was bij een diner in 2005 ter gelegenheid van de lancering van Maeyveld, de vastgoedonderneming van wijlen Joop Koster die samen met het management – met onder meer Ton van Oosten – het in de problemen geraakte Imca Vastgoed van Erik de Vlieger overnam. Bij dat diner in Ouderkerk voor ‘iedereen’ die dat mogelijk had gemaakt, was Wessels een van de genodigden. Toen hij hoorde dat ik als journalist aanwezig was, wilde hij onmiddellijk vertrekken. ‘Ik wil niet op een diner zitten om vervolgens in de media te moeten lezen wat voor een onzin er nu weer over mij geschreven wordt.’ Wessels vertrok uiteindelijk niet en ik ook niet. Hij eiste wel dat ik niets van wat ik daar over zijn betrokkenheid bij de deal zou horen, mocht gebruiken.

Ontwikkelaars

De tweede keer zat ik naast hem bij een diner in München. Ik denk in 2010 op het dieptepunt van de vastgoedcrisis. Het diner was vanwege de Expo Real georganiseerd door ceo Peter Keur van de FGH-bank en het toeval zorgde ervoor dat Wessels naast mij zat, met weer daarnaast Sini Wijnen zijn, al vele decennia zijn rechterhand en toeverlaat. Zijn vriend en zakenrelatie, de Roermondse ontwikkelaar Piet van de Pol, zat tegenover hem en die had weer – onuitgenodigd – Jos van Rey meegenomen, toen wethouder in Roermond. Tja, zei iemand van FGH me: ‘Van Rey had hier helemaal niet horen zijn, maar wat doe je als hij zich dan toch meldt? Een wethouder wijs je niet zo makkelijk de deur. We hebben maar een stoel aangeschoven.’ Zoals bekend loopt tegen beiden – Van Pol en Van Rey – het hoger beroep wegens eerdere veroordelingen onder meer voor corruptie. Het vonnis wordt verwacht op 20 december 2017. De rol van Wessels en zijn bedrijven en joint ventures in deze zaak hebben overigens geen rol in de rechtszaak gespeeld, tot verbazing van sommigen.

Over het Roermondse duo Van Pol-Van Rey zei Wessels in 2015 tegenover Quote: ‘Ik denk niet dat ze straf krijgen. In mijn belevingswereld hebben ze niets verkeerds gedaan. Ik vermoedde ook niks. Dat is niet naïef, nee! In Nederland moeten ze maar lekker doorjagen op alle politici, dan zijn de gevolgen voor de Nederlandse maatschappij straks veel groter. Dan mogen voetbalclubs straks niemand meer uitnodigen! Alles heeft schijn.’

Tijdens dat diner in München vertelde Wessels openhartig – op voorwaarde dat ik daar niet direct iets over zou schrijven – dat zo’n beetje alle ontwikkelaars en ontwikkelende bouwers bij hem langs waren geweest om hun bedrijf aan te bieden of van hem financiële garanties te krijgen voor projecten die ze op stapel hadden staan of waarmee ze al aan de slag wilden gaan. Het water stond hen aan de spreekwoordelijke lippen. ‘Je denkt toch niet dat ik daar zomaar in mee ga, ook al weet ik dat ik met VolkerWessels dan overblijf als de enige echte ontwikkelaar van het land.’ Toch hebben er een paar ontwikkelaars – met name van kantoren – wel degelijk van Wessels’ kapitaal geprofiteerd, zoals OVG. Het is vrijwel uitgesloten dat OVG nog had bestaan zonder de bemoeienissen en het kapitaal van Wessels.

VolkerWessels

Bij de gereformeerde Twentenaar – het hoofdkantoor van zijn bedrijven staat in Rijssen – ging het daarbij altijd om bouwproductie voor ‘zijn’ VolkerWessels. Veel projecten in Nederland zouden niet zijn gebouwd, zonder zijn directe bemoeienis en zijn favoriete koppeling van bouwproductie aan financiering. De Millennium Toren uit 2004 van Erik de Vlieger, bijvoorbeeld. Of een aantal projecten van OVG. Nu nog geldt dat voor twee bekritiseerde projecten in Zuid-Limburg: het Maankwartier in Heerlen en het Centrumplan in Kerkrade. Zonder de financiële inbreng van in dit geval VolkerWessels’ werkmaatschappij Jongen Projectontwikkeling en een forse bijdrage in de financiering zouden deze twee binnenstedelijke ontwikkelingen nooit van de grond zijn gekomen. Hij deed ook zaken met de naar Dubai gevluchte Roger Lips, had ontmoetingen met Willem Endstra en Klaas Hummel en de naam VolkerWessels duikt ook op in de Bouwfraude en in de Klimop-affaire. Toch heb ik zijn naam nooit in de beklaagdenbank van het OM gehoord.

Hoewel Dik Wessels een aantal jaren geleden officieel met pensioen ging, verdwenen daarmee zijn bemoeienissen bij de gang van zaken van zijn bedrijven, werkmaatschappijen en investeringen niet. Hij kon ook niet anders, het was zijn leven. Wessels zag er van afstand eerder uit als een slimme boer of aannemer uit het oosten van het land dan als een vastgoed- en bouwtycoon. In die zin was hij ook anders in het veelal op uiterlijk gebaseerde vastgoedwereld.

Toch was dat alles maar schijn en is hij altijd bij de oude garde van de sector populair geweest en gebleven. Die oude garde vertelt dan ook graag en met verve de verhalen over het flinke roken van Wessels, over zijn pijnlijke relatiecrisis, zijn autoritaire instelling, over hoe hij verschrikkelijk boos kon worden wat in kamers verderop te horen was, over zijn hartproblemen, zijn korte lijntjes met ministers van diverse politieke partijen en over zijn nuchtere keihardheid bij onderhandelingen. Wessels was kortom niet de makkelijkste, maar tegelijk wel een van de meest succesvolle ondernemers in de bouw en het vastgoed en ver daarbuiten, met in de schaduw zijn alter ego Sini.

Zijn levenswerk was toch wel VolkerWessels, de bouwonderneming die hij in afgelopen mei voor de tweede keer naar de beurs bracht en zonder meer de meest succesvolle private bouwonderneming van de afgelopen vijftig jaar is geworden. VolkerWessels staat in de nieuwste Cobouw-lijst van grootste bouwondernemingen in ons land stevig op de tweede plek, na de Koninklijke BAM Groep. Maar wel met een solvabiliteit van 31,2 procent en van de top tien met verreweg het hoogste bedrijfs- en nettoresultaat.

Uitstapjes

Hij schuwde uitstapjes naar andere sectoren niet, zoals een deelname in Wordonline – die hem heel veel geld opleverde maar ook een eeuwige vete met Nina Storms – en de glasvezelnetwerken die hij aanlegde met Reggefiber en vervolgens voor ruim 600 miljoen verkocht aan KPN. Maar zijn commerciële belangen gingen veel verder, zoals die in oliebedrijf Argos, Van Lanschot Bankiers, afvalverwerker EVI en verschillende softwarebedrijven. Hij was zelfs enige tijd aandeelhouder in het zakenblad voor de rijken, Quote. Of zoals hij het zelf in een mooi recent uitzonderingsinterview met Quote zei: ‘Ik ben de natuurlijke ondernemer’, maar wel een die door zijn zakendoen op het randje van wat mogelijk en onmogelijk is, in zijn leven ‘aan veel kogels is ontsnapt.’

Curieus is, vanuit vastgoedperspectief, zijn relatie met Ger Visser, de diep gevallen eigenaar van Eurocommerce. In het boek De Kantorenkoning haalt Visser zeer hard uit naar Wessels, maar dat is vooral de gekleurde manier van Visser om zijn gelijk te halen.
Dik Wessels zal in de vastgoedsector niet worden herinnerd om de projecten die hij heeft gerealiseerd. Daarvoor was hij te veel bouwer en aannemer, en te weinig een risicodragende ontwikkelaar met een visie op de ruimtelijke ontwikkeling van Nederland.

Wie het openhartig interview met Wessels van Sonny Motké in Quote heeft gelezen kan zich beslist vinden in de kwalificatie ‘een icoon van het naoorlogse ondernemersgilde’. Maar een groot vastgoedman was hij daarmee zeker niet. Er zijn geen projecten en gebouwen aan hem toe te wijzen, waaraan hij risicovol aan de basis heeft gestaan. Maar misschien is juist dat vermijden van risico’s de belangrijkste voorwaarde om zakelijk succes te hebben. Wessels heeft waarschijnlijk daardoor de serieuze vastgoedcrisis vrijwel zonder kleerscheuren doorstaan.

Interessant is wat er nu met het enorme vermogen en alle belangen van Wessels gaat gebeuren, nu hij niet meer leeft. Een van zijn kwaliteiten is altijd geweest dat hij de juiste mensen wist te vinden die voor hem de ijzers uit het vuur haalden en ervoor zorgden dat hij nooit over de rand viel. Een ‘gewiekst koopman’ noemde Cobouw hem bij zijn dood. Gewiekst inderdaad, doortastend en altijd balancerend op het randje van wat wel en niet kan, zo kan Wessels het best worden omschreven. Zijn opvolging heeft hij als private vermogende rijkaard in elk geval goed op orde via zijn dochters en schoonzoons. De tijd zal het leren of zij over dezelfde energieke en ondernemende kwaliteiten bezitten als Dik.

Over de auteur
Ruud de Wit is voormalig hoofdredacteur van Vastgoedmarkt.

Dit artikel is verschenen in Vastgoedmarkt van december 2017.

Reageer op dit artikel