blog

Haal investeringen in infrastructuur naar voren

Geen categorie

Tal van economische experts vinden dat Nederland en Duitsland veel meer moeten investeren en met name in infrastructuur. Ik onderschrijf hun mening niet alleen omdat ons overschot op de betalingsbalans ruimte biedt, maar vooral ook omdat op dit moment de rente extreem laag is en de civiele aannemers een grote overcapaciteit hebben. Nu het kabinet op het punt staat om zowel een nieuw belastingplan te maken als ook de begroting 2016, zou hier extra aandacht voor moeten zijn.

Uit een studie van het EIB blijkt dat in de komende jaren de bouwsector uitsluitend in de woningbouw een duidelijke herstel laat zien, maar dat alle andere segmenten sterk achterblijven. De grote infrastructuur bouwers verkleinen allen hun capaciteit, gedwongen door gebrek aan opdrachten, volstrekt onvoldoende marges en daarnaast de grote verliezen op een aantal extreem ingewikkelde projecten (de A15 richting Maasvlakte en de ondertunneling van de A2 in Maastricht), die voor een vaste prijs zijn aangenomen. Hun vermogen om grote risicovolle projecten aan te gaan is aanmerkelijk teruggelopen en zal er de komende jaren niet veel beter op worden. Een aantal projecten uit het Meerjarenplan Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) kan zonder enig bezwaar naar voren getrokken worden. Gebruik nú de lage rente en de overcapaciteit om de werkgelegenheid ook in die sector te vergroten. Ik ondersteun dus volledig de oproep van Bouwend Nederland aan het kabinet om vaart te maken met investeringen.De beslissing om het Zuidasdokplan na vele jaren van overleg en studie nu door te zetten is een eerste grote stap in de goede richting. Met mij zijn velen benieuwd hoe de contractering van het project gaat verlopen. Een voorbereidingstijd van nu tot 2017 en daarna een bouwtijd tot 2028. Een nu begrote investering van 1,6 miljard euro. Amsterdam zegt dat de downside voor de gemeente is begrensd en dat de rest van de kosten voor rekening van het Rijk, ProRail en voor een klein stuk bij de provincie komt.

Na alle ervaringen met de enorme kostenoverschrijdingen van de Noord-Zuidlijn, de A15, de A2, het station Breda, de HSL, de Betuwelijn en daarnaast ook de grote vertragingen bij de openstelling van de ondertunneling van de A2 bij Utrecht en de tunnel van de A73 bij Roermond zouden wij eigenlijk voldoende leergeld hebben betaald en ervaring hebben opgedaan.

Voor het Zuidasdok project heb ik een aantal aanbevelingen: Allereerst handhaaf aan opdrachtgeverszijde een projectorganisatie met deskundige mensen die in principe allemaal de eindstreep rond 2030 kunnen meemaken. Slechts één organisatie kan de baas zijn en er moet slechts één minister eindverantwoordelijk zijn. Waar onduidelijkheid omtrent de verantwoordelijkheden haast onvermijdelijk toe leidt zagen wij ook bij de verbouwing van het Rijksmuseum en het hele Fyra drama. Het Rijk zal niet, zoals bij de A15, alle risico’s bij de uitvoerende partijen leggen maar zal ook kijken welke partij de risico’s het beste kunnen beheersen. Er zijn slechts twee consortia die hebben ingeschreven voor een design en construct-contract van ongeveer 1 miljard. Deze combinaties zijn enerzijds BAM, VolkerWessels en TBI en daarnaast die van Heijmans, Fluor en Hochtief. Hoewel dit de sterkste partijen zijn die nu in Nederland gevonden kunnen worden, zal de risicoverdeling en de prijsvorming zeer veel aandacht krijgen gezien de huidige solvabiliteit van een aantal van deze partners. Er zal er een systeem van snelrecht arbitrage moeten worden toegepast bij meningsverschillen over meer- en minderwerk. Het kan niet zo zijn dat, zoals bij de A15, er jaren overheen gaan voordat bindende uitspraken worden gedaan. Ballast Nedam en Strukton zijn hier bijna aan kapot gegaan.

Het project zelf is technisch zeer ingewikkeld, temeer omdat iedereen gevestigd op de Zuidas zoveel mogelijk ongestoord moet kunnen doorwerken. Ook de eigenaren en de huurders zullen zich moeten bundelen en met één stem richting de projectorganisatie hun wensen en klachten formuleren.

Laat het Zuidasdokproject nu het bewijs leveren dat wij in Nederland toch in staat zijn een dergelijk complex project op tijd en binnen budget van de grond te krijgen.

 

Professor Pé Kohnstamm

Emeritus hoogleraar vastgoedrecht

 

Reageer op dit artikel