blog

Kabinet, het grote werk gedaan?

Geen categorie

In een recent debat in de Tweede Kamer kwam de vraag naar voren wat het kabinet de komende twee jaar nog te doen had. Alle belangrijke dossiers uit het regeerakkoord staan namelijk op de rit. Dit is een redelijk kortzichtige gedachte, want er zijn tal van zaken die de volle aandacht zouden moeten opeisen van het kabinet.

Voor de belangrijkste, namelijk de hoge werkeloosheid, was geen echt plan gemaakt en de PvdA ziet werk, werk en nog eens werk nu als het grote thema voor de komende tijd. De plannen om het belastingstelsel te vereenvoudigen zijn misschien  op het ministerie van Financiën in voorbereiding, maar er is nog geen enkele aanzet gegeven voor een fundamenteel debat daarover in de Tweede en Eerste Kamer.

Ik heb wel een paar minder gecompliceerde onderwerpen waarvoor ik aandacht vraag.
In de bouw hebben wij voor onderhoud en renovatie van woningen op dit moment nog de regeling van de verlaagde btw op arbeid. Het lijkt erop dat deze regeling in combinatie met het eenmalig belastingvrij schenken tot een bedrag van 100.000 euro een belangrijke impuls is geweest om woningen op te knappen, maar deze regeling houdt op per 31 december 2014. Sterker nog, velen die pas in het najaar beginnen met de verbouwing, komen niet meer in aanmerking voor de lage btw als de opdracht niet vóór het einde van het jaar is afgerond. Een totaalopdracht aan een aannemer werkt dan niet meer; men moet dan de verbouwing in delen uitgeven zodat er nog enkele deelprojecten voor die datum zijn beëindigd. Ik ondersteun daarom de wens van Bouwend Nederland en professor Hugo Priemus om deze verlaging in 2015 te continueren. Dat doe ik omdat ten eerste deze regeling heel nadrukkelijk arbeid goedkoper maakt en daadwerkelijk de werkeloosheid vermindert en ten tweede hierdoor de kwaliteit en levensduur van woningen worden verhoogd. Als het tarief toch per 31 december 2014 wordt verhoogd, dreigt de orderportefeuille van vooral de MKB-aannemers weer flink terug te vallen. De termijn verlengen om 100.000 euro te schenken zal minder effectief zijn, want wie het zich kan permitteren zal dat in ieder geval doen voor het einde van het jaar. Ik ben benieuwd of er in 2015 een analyse beschikbaar komt hoeveel er nu werkelijk van deze regeling gebruik is gemaakt en voor welke bedragen. De belastingdienst moet deze gegevens hebben, want men moet aangifte doen. Lastiger is de analyse van de aanwending van deze schenkingen, omdat hiermee zowel de koop van een woning, als ook de aflossing van de hypotheek en verbouwing kan worden gefinancierd.

Een ander belangwekkend punt is dat er nu eindelijk aandacht komt voor de gelden die inmiddels in de spaardepots van spaarhypotheken zijn belegd. Uit een studie in opdracht van de Hypotheker (Blauwtrust) door een onderzoeker van de Erasmus Universiteit komt naar voren dat er ultimo 2012 80 miljard euro in depot is en dat dit bedrag in 2018 zal zijn opgelopen tot 135 miljard euro. Ik heb de afgelopen vijftien jaar geregeld op dit vermogen gewezen, maar noch DNB noch de banken konden deze gegevens verstrekken.
Naast de spaarhypotheken kennen wij de aan hypotheken gekoppelde levensverzekeringen en recent ook het banksparen. Nu er van DNB en vanuit Brussel en Frankfurt geluiden blijven komen dat onze hypotheekschuld gevaarlijk hoog is, doe ik nogmaals een oproep aan alle betrokken partijen om deze drie vermogensbronnen eens werkelijk goed in kaart te brengen, inclusief projecties naar de toekomst. DNB zou hier het initiatief moeten nemen, mede omdat de bank door de controles en alle stresstests al een schat aan gegevens heeft. Of heeft DNB er misschien belang bij om de regelmatig geuite waarschuwingen voor ’s lands hoge hypotheekschulden niet af te zwakken zodat het financiële systeem minder risicovol wordt?

 Professor Pé Kohnstamm, emeritus hoogleraar Vastgoedkunde
Reacties naar pebakohnstamm@ziggo.nl

Reageer op dit artikel