blog

Goedkoop is duurkoop

Geen categorie

De recente financiële problemen bij bouwer Midreth hebben in Amsterdam tot veel hoofdbrekens geleid over de vraag hoe nu verder met de bouw van het Stedelijk Museum. Aan de ene kant wordt er gedacht aan een vervolg onder leiding van de gemeente Amsterdam en aan de andere kant zijn er vele deskundigen die aangeven dat een externe projectmanager nodig is. Het track record van de gemeente voor goed opdrachtgeverschap is niet sterk, om niet te zeggen zeer zwak.

Professioneel opdrachtgeverschap is een vak en vraagt om veel ervaring. Het dossier Noord-Zuidlijn, maar ook het recente onderzoek naar de kwaliteit van de eigen Dienst Infrastructuur en Openbare Werken laten zien, dat vooral de planvoorbereiding onvoldoende professioneel is. Alle ontwikkelaars weten dat een project alleen dan succesvol kan zijn als de planvoorbereiding optimaal is. Een project in uitvoering brengen zonder dat alle belangrijke vragen over het ontwerp zijn beantwoord, is vragen om moeilijkheden.

Bij het Stedelijk Museum is het eerst fout gegaan bij de architectenselectie, omdat het programma van eisen met een daarbij passend budget onvoldoende duidelijk is geweest. Dit heeft veel vertraging opgeleverd en heeft ertoe geleid dat de oorspronkelijke winnaar van de competitie moest terugtreden. Daarna is er door de gemeente een bouwbudget bepaald, waarvoor het nieuwe ontwerp moest worden gerealiseerd.

In die tijd hadden de grote bouwers al rampzalige ervaringen opgedaan met werken aannemen tegen een te lage prijs en zo bleek Midreth de enige kandidaat-bouwer, die dit budget aandurfde. Hiermee nam de gemeente een duidelijk risico. Kennelijk was het budget zo krap, dat er maar één gegadigde overbleef. En dat voor een ingewikkeld bouwplan met aan de ene kant een fundamentele renovatie van een bestaand monumentaal pand, en anderzijds een gedurfd ontwerp van een belangrijk stuk nieuwbouw, waarvan een gedeelte onder het maaiveld. Tel daarbij op de functie van het museum, waar extra eisen worden gesteld aan klimaatbeheersing en de publieksvoorzieningen.

Overstappen op een andere hoofdaannemer leidt altijd tot belangrijke kosten voor de opdrachtgever en daarnaast voor vertraging. Cruciaal is helderheid over aansprakelijkheid en garanties van aannemer en onderaannemers.

Amsterdam heeft zich bij de bouwplannen voor het Rijksmuseum, het Stedelijk en het Scheepvaartmuseum kennelijk nooit afgevraagd wat de economische en culturele offers waren als deze drie plannen tegelijkertijd zouden worden uitgevoerd. Ook is kennelijk niet gestuurd op snelle realisatie, zie hiervoor de problemen met de onderdoorgang van het Rijksmuseum en de overdekking van de binnenplaats van het Scheepvaart museum. Beide hebben tot onaanvaardbare vertragingen geleid. Verder zijn de winstmarges bij de aannemers zo krap, dat er geen ruimte is om tegenvallers op te vangen.

Voor mij is het volstrekt helder dat uitsluitend een extern bureau met veel ervaring met zowel grootschalige utiliteitsbouw als wisselingen van hoofdaannemers deze klus moet klaren. Dat dit geld gaat kosten is vanzelfsprekend. Het is beter nu extra te investeren om in korte tijd een optimale kwaliteit te realiseren dan om opnieuw onbekende risico’s aan te gaan. Ook in deze fase blijft ‘goedkoop is duurkoop’ een onaangename waarheid.

REACTIES NAAR
pebakohn@xs4all.nl

Deze column is eerder gepubliceerd in Vastgoedmarkt februari 2011.

Reageer op dit artikel