blog

Kosten-batenanalyses

Geen categorie

In navolging van belangrijke infrastructurele projecten worden ook gebiedsontwikkelingsprojecten steeds vaker onderwerp van kosten-batenanalyses.

Dat zijn rapportages waarin alle kosten en baten zo veel mogelijk in geld worden uitgedrukt. Hierdoor wordt duidelijk of per saldo de Nederlandse samenleving (of een specifieke regio) er wat mee opschiet. In de praktijk zijn er twee scholen.

De ‘visionairen’ vinden dat in dit soort ‘technocratische’ maatschappelijke kosten-batenanalyses (MKBA) er te weinig aandacht is voor creativiteit en durf. Ook de regionale dimensie ontbreekt. Bovendien zijn er veel methodologische bezwaren. Hoe druk je natuurwaarde, ruimtelijke kwaliteit en belevingswaarde uit in geld? Het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid, dat vorig jaar twee rapportages wijdde aan MKBA’s, geeft het voorbeeld van het duurdere, maar uiteindelijk gerealiseerde ontwerp van de Erasmusbrug in Rotterdam, dat veel meer tot de verbeelding sprak dan een goedkoper en eenvoudiger ontwerp. De nieuwe brug draagt bij aan de identiteit van Rotterdam, maar dat is nauwelijks in geld uit te drukken. Een ander kritiekpunt betreft het moeilijk voorspellen van gedrag en waarderingen in de toekomst. Mooi voorbeeld is de Zuiderzeelijn.

De ene hoogleraar betoogt dat de welvaart afneemt in Noord-Nederland door de aanleg van een hogesnelheidslijn tussen de Randstad en Noord-Nederland doordat mensen naar de Randstad vertrekken c.q. werken, de andere hoogleraar berekent het tegendeel: veel Randstedelingen komen wonen in Noord-Nederland en pendelen dan naar Amsterdam. Het verschil gaat om vele miljarden euro’s. Als de ‘visionairen’ de uitkomst van rekensommen niet bevallen, worden de rekenmeesters gehekeld: ‘Op deze manier zou de Afsluitdijk nooit zijn gebouwd.’

De ‘rekenaars’ vinden dat de pleidooien voor bepaalde projecten een grondige onderbouwing missen en dat er te weinig naar alternatieven wordt gekeken. Sterker nog, zo is het verwijt, vaak is er eerst een project en wordt de visie er later ‘bijgehaald’. De te verwachten economische effecten worden overdreven. Zo betoogde de Nationale Havenraad dat de aanleg van de Tweede Maasvlakte 10.000 arbeidsplaatsen zou opleveren. Maar de MKBA kwam tot netto 400 (!) nieuwe arbeidsplaatsen, de rest is verschuiving van werkgelegenheid van elders. Kortom, onder het motto ‘Nederland mag niet achterblijven’ worden – zo vinden de rekenaars – visies al snel visioenen.

De tegenstelling tussen visionairen en rekenaars is toch minder groot dan op het eerste oog lijkt. Het is meer een vraag hoe het besluitvormingstraject wordt ingericht. Een negatieve uitkomst van een MKBA betekent niet per definitie dat een project niet door moet gaan, omdat het slecht is voor Nederland. Visies en MKBA’s zijn beide bouwstenen voor de politieke besluitvorming. Bovendien kunnen MKBA’s helpen projecten te dimensioneren, te faseren en een helder beeld van risico’s geven.

Een belangrijke rol van MKBA’s bij gebiedsontwikkeling is te laten zien waar de maatschappelijke meerwaarde kan liggen ook al is de exploitatieopzet negatief. Anders gezegd, als een MKBA positief eindigt (en dus per saldo voor de welvaart gunstig is) en de business case negatief dan is er reden om een financiële bijdrage (lees: subsidie) van de overheden te overwegen. Bij door ons bureau uitgevoerde MKBA’s van bijvoorbeeld het Waalfront in Nijmegen (transformatie van 33 hectare verouderd bedrijventerrein naar een hoogwaardig stedelijk woon-werkgebied) en de herontwikkeling van de Oude Rijnzone tussen Leiden en Woerden hebben inderdaad geleid tot substantiële Rijksbijdragen, op basis van heldere berekeningen en gedegen analyses.

Veel mensen in de ruimtelijke ordening en vastgoedwereld vinden MKBA’s overbodig (‘leve de visionaire’), moeilijk (gedetailleerde economische berekeningen), weinig transparant (‘black box’) en een speeltje van tegenstribbelende ambtenaren. Niettemin zijn voor het nemen van weloverwogen besluiten en het eventueel verkrijgen van subsidies voor onrendabele projecten MKBA’s noodzakelijk. Ze worden ook door overheden in toenemende mate vereist. Alle scepsis ten spijt: MKBA’s dragen – mits goed gepositioneerd – bij aan goede besluitvorming en kunnen financieel moeilijke gebiedsontwikkelingsprojecten een basis verschaffen voor publieke ondersteuning.

Deze column is eerder gepubliceerd in Vastgoedmarkt januari 2009.

Reageer op dit artikel