blog

Gedragscodes

Geen categorie

In dit eerste nummer van Vastgoedmarkt in 2009 staan de uitkomsten van drie eigen onderzoeken centraal.

Allereerst is er het jaarlijkse aanbod- en opnameonderzoek dat precies veertig jaar geleden door voormalig hoofdredacteur Dirk Rompelman is opgezet en sinds de oprichting van Vastgoedmarkt in 1974 vergelijkbaar is gemaakt. Dit onderzoek – en dat zeg ik niet zonder trots – is toch de meest betrouwbare graadmeter voor opname en het aanbod van het commercieel onroerend goed in Nederland.

Nu is Vastgoedmarkt niet de enige onderneming/publicatie/instantie die deze cijfers publiceert. Onder andere DTZ Zadelhoff, Savills, Dynamis, CB Richard Ellis en Jones Lang LaSalle brengen ook hun jaaroverzichten en andere periodieke overzichten uit. Gelukkig is er inmiddels sprake van een innige inhoudelijke samenwerking tussen ons researchteam en dat van deze grote vastgoedadviseurs. Het betekent dat de resultaten steeds dichter bij elkaar komen te liggen, met natuurlijk nog altijd de nodige verschillen. Dit soort data kan niet altijd gelijk worden geïnterpreteerd, omdat accenten soms anders liggen.

Op de hoofdconclusies van het Vastgoedmarktonderzoek op basis van door Vastgoedmarkt verzamelde data kan echter door niemand veel worden afgedongen: het gaat niet goed met de commercieel vastgoedsector in Nederland. Het jaar 2008 verliep zeer slecht als we kijken naar de opname van vooral de kantoormeters, en de vooruitzichten voor dit nieuwe jaar zijn ronduit slecht. Dat blijkt ook uit het onderzoeksverslag over de beleggingssector over het jaar 2008 van de hand van good old Dirk Rompelman, dat in nauwe samenwerking met het researchteam van Vastgoedmarkt is opgesteld. Er is niemand in de Nederlandse vastgoedsector die zo nauwgezet en voor eigen rekening de Nederlandse commercieel vastgoed(beleggings)markt blijft volgen als Rompelman. Vastgoedmarkt is verheugd dat hij nog altijd zijn bijdragen wil en kan blijven leveren.

De redacteuren Peter Hanff en Martijn van Leeuwen hebben zich de afgelopen twee maanden toegelegd op een ander aspect van de vastgoedsector, de gedragscodes van de vastgoedadviseurs. Naast de tegenvallende ontwikkelingen in de ontwikkelings-, opname-, financierings- en beleggingssectoren van het commercieel vastgoed was de ethiek – eigenlijk het gebrek aan ethiek – in onze branche waarschijnlijk het meest in het oog springende thema van het afgelopen jaar. Niet alleen door wat nu bekend staat als de Bouwfonds-Philips Pensioenfondsfraude, maar ook door een aantal aan het licht gekomen andere ernstige incidenten. Zoals een discutabele declaratie door de inmiddels voormalige bestuursvoorzitter van DTZ Zadelhoff; de ernstige, soms als crimineel te omschrijven incidenten bij een aantal vastgoed-CV’s; notarissen en makelaars die bij het verstrekken van woninghypotheken ernstig buiten hun wettelijke boekjes gingen; en de omstreden praktijken van de directeur van woningcorporatie Rochdale.

In dit nummer vindt u onder meer een nieuwsbericht over de gang van zaken rond de aankoop van het kantoorpand De Heerd in Amsterdam-Zuidoost door Rochdale en wie dat leest, kan niet anders concluderen dan dat er hier iets niet klopt. Of dat er in ieder geval veel valt uit te leggen. Het afgelopen jaar publiceerden de Neprom en IVBN gedragscodes en kondigde een aantal andere relevante marktpartijen aan zulke codes hoog op hun agenda te zetten. De inventarisatie die de redactie van Vastgoedmarkt maakte, laat zien dat er veel is gebeurd en dat er nog veel aankomt. De conclusie is ook, dat het op papier wel goed zit met die gedragscodes. Bij de publicatie van de gedragscode van de IVBN zei voorzitter René Hogenboom dat zulke codes noodzakelijk zijn, maar geen garantie bieden dat de sector nu gevrijwaard blijft van kwalijke incidenten. Het blijft allemaal mensenwerk en mensen zijn nu eenmaal in staat om in elke vestingsmuur een gat te maken, hield hij zijn achterban voor.

Hogenboom heeft helemaal gelijk. Waar het uiteindelijk om gaat, is een juiste mentaliteit, een betrouwbaar gevoel van wat wel kan en wat zeker niet kan. Als iemand per se iets kwaads of slechts wil, zal hij daartoe altijd een weg vind en. Het is ook een onzinnige veronderstelling dat met goede gedragscodes alle ellende uit de wereld is. De algemeen geaccepteerde Tien Geboden hebben het kwaad ook niet uit de wereld verbannen.

Maar gedragscodes die ook worden gecontroleerd, aangevuld en getoetst zijn een minimale voorwaarde voor verantwoord en transparant zakendoen. Daarom zijn ze van het grootste belang en moeten de gedragcodes worden gekoesterd. Partijen, die menen nog steeds zonder te kunnen, doen er goed aan zich te realiseren dat ze een uitzondering zijn en dat het hen opdrachten zal kosten.

Deze column is eerder gepubliceerd in Vastgoedmarkt januari 2009.

Reageer op dit artikel