blog

Er zijn data en data

Geen categorie

Het bijhouden en voor de markt aanbieden van data over vastgoedtransacties,
opname- en leegstandcijfers is al 35 jaar een van de belangrijkste pilaren
onder het bestaan van Vastgoedmarkt.

De onderzoekers van alle belangrijke vastgoedadviseurs gebruiken onze data. Ook voor marketingdoeleinden worden deze gegevens frequent aangehaald. Als marktleider weten wij maar al te goed dat er veel bij komt kijken om deze data binnen te halen, te controleren, op te schonen en weer gebruiksklaar aan te bieden.

Er zijn verschillende partijen in de Nederlandse markt die op dit terrein actief zijn. Ook brancheorganisaties hebben in het verleden geprobeerd een eigen database met aanbod op de markt te zetten en nog recentelijk is er een nieuw initiatief gelanceerd om via internet aanbod te verzamelen. Het aanbieden van aanbod via een website is een ding, het controleren of de achterliggende cijfers wel juist zijn is iets anders. Aanbod van commercieel vastgoed op een website is alleen maar interessant als de eindgebruiker echt iets te kiezen heeft en weet dat wat wordt aangeboden ook bij hem past. En de eindgebruiker kan zich daarbij toch het beste richten tot de professionele vastgoedadviseurs.

In Vastgoedmarkt publiceren wij al jaren elk kwartaal de laatste cijfers over opname en aanbod, zo ook in het laatste juni-julinummer. Allereerst van de kantoren- en bedrijfsruimtesectoren, omdat de winkelsector nu eenmaal relatief minder transparant is en het dus ook voor ons moeilijk is betrouwbare opnamecijfers te overleggen. De cijfers die wij publiceren, worden ook uitgebreid toegelicht, want er bestaan ondanks talrijke pogingen daartoe nog altijd geen eensluidende criteria. Wat Vastgoedmarkt wel durft te stellen is dat onze cijfers en criteria breed in de markt worden geaccepteerd.

Het interpreteren van die cijfers en het verwoorden ervan in een redactionele tekst leidde in het bericht dat wij op de voorpagina van het juni-julinummer plaatsten, tot een vervelende fout. In de kop stond dat de opname van kantoormeters het afgelopen half jaar met 18 procent was afgenomen vergeleken met de eerste helft van 2008. Dit had 34 procent moeten zijn. Om een achteraf niet meer te achterhalen reden is bij het opstellen van deze tekst een verkeerd cijfer gebruikt over de cijfers van de eerste zes maanden van 2008, waardoor het percentage veel lager uitviel. Al het andere klopte overigens wel en dus ook de cijfers in de tabel die elders in het nummer is opgenomen. Een ding is zeker: het opnamecijfer van 499.000 m2 aan kantoorruimte over de eerste zes maanden van dit jaar is juist.

In het laatste nummer van PropertyNL wordt een opnameverschil aangegeven over de eerste zes maanden van dit jaar van 53 procent vergeleken met dezelfde periode in 2008. Het onderzoeksteam van onze collega’s uit Amsterdam kwam niet verder dan 360.000 opgenomen vierkante meters. Het percentage is niet interessant, maar wel de concrete cijfers. Een verschil van 140.000 m2 aan opgenomen kantoorruimte over een half jaar is niet niks. Ons onderzoeksteam is opnieuw aan het rekenen geslagen, maar kwam op hetzelfde cijfer uit. Ook navraag bij de researchteams van de belangrijkste vastgoedadviseurs bevestigde onze veelvuldig gecontroleerde cijfer van pakweg 500.000 opgenomen vierkante kantoormeters.

PropertyNL profileert zich als hét researchbedrijf voor vastgoedcijfers. Dat mogen ze van mij, maar ze zijn het niet. Als je 140.000 m2 mist op een half jaar, is dat wel erg veel. Dat zijn drie nieuwe KPMG-gebouwen in Amstelveen, bijvoorbeeld. Ik schrijf dit op met een zekere twijfel. Moet je concurrenten aanpakken als ze de plank misslaan? Ik vind – na lang wikken en wegen – van wel. Als het bijvoorbeeld om CBS-cijfers zou gaan, was mijn reactie hetzelfde geweest. Daar komt nog bij dat PropertyNL de tekst uit het eigen magazine integraal heeft gepubliceerd in het Financieele Dagblad. Daardoor krijgen die cijfers nog meer een platform dat ze niet verdienen.

Wat is nu de moraal van het verhaal (en hou me maar aan onze eigen cijfers)? Uit de halfjaarcijfers over 2009 kunnen we terecht concluderen, dat het niet goed gaat met de opname van vierkante meters. 34 Procent minder dan een jaar geleden is een slecht teken, maar komt niet onverwacht. Aan de andere kant, er worden nog steeds heel wat transacties gemeld en die zullen ook gewoon doorgaan. Het meest interessante is echter dat steeds meer eindgebruikers kiezen voor contractverlenging, al dan niet met minder meters en waarschijnlijk ook met een gunstiger huurcontract. Dat is de echte werkelijkheid van deze markt, niet het cijfer van 18, 34 of 53 procent. En men hoeft geen ziener te zijn om te voorspellen dat deze trend zich het komende jaar voortzet: dus nog minder opname en nog meer contractverlengingen. En die betrouwbare cijfers staan weer in Vastgoedmarkt.

Deze column is eerder gepubliceerd in Vastgoedmarkt augustus 2009.

Reageer op dit artikel