nieuws

Protest tegen verhuurderheffing ondanks betere financiële positie

Financieel

De woningcorporaties hebben officieel bezwaar aangetekend tegen de verhuurderheffing maar tegelijkertijd constateert minister Ollongren dat de woningbouwverenigingen de komende jaren juist meer te besteden hebben. 

Protest tegen verhuurderheffing ondanks betere financiële positie

Woningcorporaties maken massaal bezwaar tegen de zogenoemde verhuurdersheffing. In een gezamenlijke oproep hebben 180 huurcorporaties ervoor gepleit om de 1,7 miljard euro die dit jaar wordt opgehaald aan verhuurderheffing in te zetten voor volkshuisvesting. Al eerder deelden ze massaal hun individuele aangifte die voor 1 oktober 2019 moest worden betaald.

‘In strijd met Woningwet’

Volgens de corporaties is de verhuurderheffing in strijd met de woningwet. Die schrijft voor dat woningcorporaties al hun middelen moeten inzetten voor onderhoud, nieuwbouw, betaalbare huren en verduurzaming van de woningen. De corporaties noemen het onverantwoord om het geld niet in te zetten voor meer betaalbare woningen.

Publicatie IBW

Volgens minister Ollongren (Binnenlandse Zaken) hebben de corporaties echter geld genoeg om te investeren in nieuwe woningen. In een Kamerbrief  gaat ze in op de jaarlijkse publicatie van de Indicatieve Bestedingsruimte Woningcorporaties (IBW). De IBW geeft huurdersorganisaties en gemeenten een indruk van de financiële polsstok van hun corporatie.

DAEB-woningen

De IBW voor nieuwbouw DAEB-woningen (Woningen beneden de sociale huurgrens) bedraagt voor de prognoseperiode 2019-2023  28,8 miljard euro. Vorig jaar bedroeg de IBW 16,2 miljard euro. De IBW voor woningverbetering neemt toe van 13,9 miljard euro naar 22,7 miljard euro en de IBW voor huurmatiging stijgt van 0,5 miljard euro naar 0,66 miljard euro.

Overgang op beleidswaarde

De voornaamste oorzaak van de toename van de IBW is volgens de Minister  de overgang in 2019 op de beleidswaarde als waarderingsgrondslag. De beleidswaarde is voor bijna alle corporaties hoger dan de bedrijfswaarde, die tot en met 2018 werd gehanteerd ‘Deze hogere waarde leidt op sectorniveau tot betere financiële ratio’s en een grotere potentiële leencapaciteit. Hierbij moet worden opgemerkt dat de invoering van beleidswaarde niet voor alle corporaties en regio’s leidt tot eenzelfde toename.

Friesland en Eindhoven

U16 (regio Utrecht) en Holland Rijnland laten meer dan een verdubbeling  van de IBW zien. In twee van de 19 woningmarktregio’s (Friesland en Metropoolregio Eindhoven) neemt de IBW per woning af, met circa 10 procent.

Niet-DAEB-tak

De investeringsruimte in de niet-DAEB-tak voor nieuwbouwwoningen bedraagt 8,9 miljard euro. Indien corporaties de additionele financiële ruimte in de niet-DAEB-tak willen aanwenden voor de DAEB-tak, dan kan eenmalig 5,0 miljard euro worden overgeheveld van de niet-DAEB-tak naar de DAEB-tak.

Reageer op dit artikel