nieuws

Nieuwe Europese regels voor verduurzaming beleggingen

Beleggingen

Nieuwe Europese regels voor verduurzaming beleggingen

De financiële sector gaat actief betrokken worden bij de huidige verduurzamingsslag en moet haar verantwoordelijkheid nemen voor het milieu en de maatschappij.

Dit is hard nodig, want om de EU-duurzaamheidsdoelstellingen van 2030 te verwezenlijken dient jaarlijks 180 miljard euro extra te worden geïnvesteerd. Om dit te bereiken dienen de private kapitaalstromingen zich significant meer te richten op duurzame investeringen. De aanscherping zal ook niet zonder gevolgen blijven voor de vastgoedbeleggingsmarkten.

Door middel van drie gepubliceerde conceptverordeningen in mei 2018 heeft de Europese Commissie de eerste stap gezet richting een groenere en op dat punt transparantere financiële sector. De Europese Commissie heeft de eerste wetgevingsinitiatieven(1) als verordening vormgegeven waardoor deze rechtstreeks ingrijpen in de nationale rechtsorde van de lidstaten van de EU en daar dus meteen kracht van wet hebben. Vermogens- en fondsbeheerders, belegging- en verzekeringsadviseurs, verzekeringsbemiddelaars, pensioenfondsen, beleggingsondernemingen, beursgenoteerde ondernemingen en aandeelhouders moeten op grond van deze verordeningen gaan voldoen aan de wettelijke eisen met betrekking tot duurzaamheid en de zogeheten ESG-overwegingen (environmental, social & governance). Op grond van deze verordeningen zal de precontractuele informatie over beleggingsproducten informatie moeten bevatten over de wijze waarop klimaat en ESG-overwegingen onderdeel uitmaken van het beleggingsbeleid en het beloningsbeleid van de financiële onderneming.

Greenwashing

De eerste verordening(2) ziet op de totstandkoming van de definitie van een groene belegging. Op 29 maart 2019 heeft het Europees Parlement ingestemd met het voorstel. Het voorstel bevat een classificatiesysteem op basis waarvan kan worden bepaald of een economische activiteit duurzaam is. De Europese Commissie stelt dat hiermee nadrukkelijk geen keurmerk wordt bedoeld. In de praktijk echter zal het ertoe leiden dat financiële ondernemingen afgerekend gaan worden door eindbeleggers op het al dan niet duurzaam zijn van hun product. Een bijkomend voordeel is dat financiële marktdeelnemers hun producten niet langer duurzamer kunnen voor doen dan dat ze werkelijk zijn, het zogeheten ‘greenwashing’.

De tweede verordening(3) heeft betrekking op de daadwerkelijke informatieverschaffing aan eindbeleggers met betrekking tot duurzaamheid en ESG-overwegingen. Het voorstel beoogt de zogeheten ESG-overwegingen te integreren in het beleggings- en adviesproces. Beleggers krijgen hierdoor meer zicht op de impact van hun belegging op de gezondheidszorg(4), duurzame energie(5) of bijvoorbeeld duurzame bouw(6). Voorgaande sectoren zijn eveneens van belang in de huidige trend in de gebouwde omgeving waarin de focus wordt gelegd op de realisatie van duurzame, gezonde werkomgevingen(7). Denk hierbij aan bijvoorbeeld het Blue Building Institute (BBI), dat menselijke duurzaamheid bevordert door middel van kennisdeling in de ontwikkeling van circulaire waardeketens van mensen en gebouwen, met als resultaat een gezondere bevolking. De wijze waarop de informatie verstrekt moet worden zal nog nader uitgewerkt worden in gedelegeerde regelgeving.

Europees Parlement

Het Europees Parlement heeft op 7 maart 2019 ingestemd met het tweede voorstel. Speerpunten uit de verordening zijn:
1. Financiële marktdeelnemers publiceren op hun website schriftelijke gedragslijnen inzake de integratie van duurzaamheidsrisico’s in het beleggingsbeslissingsproces (artikel 3).
2. Financiële marktdeelnemers geven transparantie met betrekking tot duurzaamheidsrisico’s bij de precontractuele informatieverschaffing (artikel 4).
3. Financiële marktdeelnemers zijn transparant over hun duurzame beleggingen middels hun website (artikel 6).
4. Financiële marktdeelnemers zijn transparant over hun duurzame beleggingen middels periodieke rapportages (artikel 7).
De derde verordening(8) ziet op een wijziging van de benchmarkverordening uit 2016(9) en richt zich op benchmarks voor koolstofarme investeringsstrategieën. Het Europees Parlement en de lidstaten zijn al op 25 februari 2019 tot een akkoord gekomen met betrekking tot deze verordening. Middels deze verordening worden vrijwillige labels in het leven geroepen om de keuze van de investeerder die een klimaatbewuste beleggingsstrategie wil volgen te begeleiden. De benchmark zal alleen bedrijven omvatten die kunnen aantonen dat ze op een lijn zitten met de doelstellingen uit het klimaatakkoord. De nieuwe labels zijn een extra garantie om greenwashing te voorkomen.

Gevolgen financiële sector

Met betrekking tot alle drie de wetsvoorstellen is een akkoord bereikt, de verwachting is dat deze in de maand mei gefinaliseerd worden en al na enkele maanden in werking zullen treden. De meeste regelgeving zal nader worden uitgekristalliseerd in de Wet op het financieel toezicht (Wft) en de onderliggende wet- en regelgeving. Alle producten van de financiële onderneming zullen doorgelicht moeten worden om na te gaan of deze onder de scope van de verordeningen vallen. Hier opvolgend dient na te worden gegaan welke informatie dient te worden toegevoegd aan de bestaande informatie. Om niet in de problemen te raken dienen financiële ondernemingen zich op relatief korte termijn voor te bereiden op de wetgeving die komen gaat. Deze korte termijn is echter het eigen resultaat van de omgang van de mensheid met het klimaat en loopt parallel aan de korte termijn die we hebben om de klimaatverandering nog tegen te gaan.

Niet weg te denken

Duurzaamheid is niet langer weg te denken uit welke onderneming dan ook. Om mee te gaan met zowel trend als de juridische realiteit dient nu gehandeld te worden. Zowel door specifiek de financiële sector als door de mensheid als geheel. De klimaatverandering wacht niet, evenals de Europese Commissie.
Wilt u graag nader geïnformeerd worden met betrekking bovenstaande drie verordeningen dan kunt u contact opnemen met een van de advocaten van Boot Advocaten te Amsterdam.

Noten

1. Een reeks van in totaal drie initiatieven: verordening 2018/353, 2018/354 & 2018/355.
2. Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de totstandbrenging van een raamwerk om duurzame beleggingen te bevorderen.
3. Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende informatieverschaffing in verband met duurzame beleggingen en duurzaamheidsrisico’s en tot wijziging van Richtlijn (EU) 2016/2341.
4. Goal 3: Good Health and Well-being.
5. Goal 7: Affordable and Clean Energy.
6. Goal 11: Sustainable Cities and Communities.
7. Het zogeheten ‘Blue Building’ bevordert menselijke duurzaamheid door middel van de gebouwde omgeving (www.bluebuildinginstitute.eu).
8. Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van de verordening (EU) 2016/1011 inzake koolstofarme benchmarks en benchmarks met een positieve koolstofbalans.
9. Verordening (EU) 2016/1011 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 betreffende indices die worden gebruikt als benchmarks voor financiële instrumenten en financiële overeenkomsten of om de prestatie van beleggingsfondsen te meten en tot wijziging van Richtlijnen 2008/48/EG en 2014/17/EU en verordening (EU) nr. 596/2014.

Over de auteurs: Alexandra Jurgens-Boot is partner Boot Advocaten, Bas Slaats is juridisch medewerker  bij dit Amsterdamse advocatenkantoor.

Reageer op dit artikel