Binnenland
Neprom: DNB zaait onnodig paniek
Toezichthouder Jan Sijbrand van de Nederlandsche Bank (DNB) zaait onnodig paniek met zijn uitlatingen dat de vastgoedsector de derde financiële crisis wordt na de kredietcrisis en de Europese schuldencrisis. Dat zegt directeur Jan Fokkema van de branchevereniging van projectontwikkelaars Neprom. ‘Hij brengt ten onrechte de gehele commerciële vastgoedmarkt in diskrediet. DNB had beter ten tijde van de hoogconjunctuur, toen de 'wall of money' de vastgoedsector overspoelde, kunnen waarschuwen en toen maatregelen kunnen nemen.’
Fokkema zegt de problemen niet te willen bagatelliseren. De leegstand op de kantorenmarkt is groot: 900 van de 15.000 kantoren in Nederland staan geheel leeg en zijn in feite nagenoeg waardeloos. Ze staan tegen een veel te hoge waarde in de boeken en moeten verder worden afgewaardeerd, stelt hij vast.
Volgens de Neprom-directeur zit de pijn niet zozeer bij institutionele beleggers, pensioenfondsen en verzekeraars, maar vooral bij fondsen met particuliere beleggers die veel leegstaande kantoren in hun portefeuille hebben. Fokkema: ’Daar is vaak nog onvoldoende afgewaardeerd en dat proces moet worden versneld. En dat zal inderdaad bij banken tot zeer forse schades leiden omdat zij veel van die portefeuilles hebben gefinancierd.’ Sijbrand heeft op dat punt gelijk, erkent Fokkema. ‘Maar door zijn ongenuanceerde uitlatingen brengt hij onnodig de gehele kantorenvoorraad in diskrediet. Dat heeft negatieve invloed op de bereidheid van eigenaren en banken om daarin te investeren. We hebben DNB om de stabiliteit op de financiële markten te bevorderen, niet om te deze verstoren. Tijdens de hoogtijjaren heeft het toezicht kennelijk gefaald en nu wordt er onnodig paniek gezaaid’, aldus Fokkema.
Sijbrand deed zijn uitlatingen over de vastgoedsector in een interview met Het Financieele Dagblad van vrijdag 3 februari. ‘Vastgoed is een probleem voor de sector door het structurele overaanbod aan kantoren en winkelpanden. Er is minder behoefte vanwege het nieuwe werken en het internetwinkelen’, aldus Sijbrand in het FD. Behalve banken hebben institutionele beleggers als verzekeraars en pensioenfondsen miljarden euro's uitstaan in commercieel vastgoed. Sijbrand wil dat er zo snel mogelijk 'juiste' waarderingen komen voor het commerciële vastgoed. ‘Zolang er twijfels zijn over de waardering, is er geen vertrouwen in de markt en zullen financiers of beleggers zich niet melden voor financiering van banken. Daardoor zeuren de problemen onnodig lang door.’
Zodra er duidelijkheid over de waardering is, zullen er wel kopers zijn voor het vastgoed, meent Sijbrand. Hij noemt de oprichting van een zogeheten ‘bad bank’, waar slechte vastgoedportefeuilles in worden gestald, ‘één van de instrumenten in onze gereedschapkist’. ’Het is een optie, maar we hebben geen concrete plannen. Het is ook niet zo eenvoudig, want er moet dan heel veel kapitaal in die bad bank worden gestort en waar haal je dat dan vandaan?’
Naar verluidt wordt er op initiatief van de risicodragers in de commerciële vastgoedsector - de beleggers en ontwikkelaars - samen met banken en de rijksoverheid (onder meer het ministerie van Financiën) gezocht naar structurele oplossingen voor de kantorenmarkt.











