nieuws

‘Bezit is uit, gebruik is in’

Geen categorie

Eind april werd bekend dat Pieter Hendrikse als ceo van Europa, Midden-Oosten en Afrika (EMEA) CBRE Global Investors heeft verlaten. Dat betekende voor Pieter Hendrikse (48) het, naar verwachting, tijdelijke einde van een succesvolle vastgoedcarrière, die hem ruim 17 jaar aan ING Real Estate en CBRE Global Investors verbond. Veel wil Hendrikse niet kwijt over zijn vertrek bij CBRE GI, behalve dat hij in goede verstandhouding is weggegaan. ‘Ik kan terugkijken op een uitstekende tijd bij de grootste en mooiste vastgoedonderneming in de wereld.’ Vervelen doet hij zich in het geheel niet, maar hij neemt de tijd voor een volgende stap in zijn loopbaan.

‘Ik hou me nu met zaken bezig waar ik in mijn vorige ‘leven’ nauwelijks aan toekwam. Als je 17 jaar leiding hebt gegeven aan onderdelen van het grootste vastgoedbedrijf in de wereld – eerst ING Real Estate en daarna, na de overname van ING REIM, door CBRE Global Investors in 2011 – ben je wel toe aan enige reflectie. Ik ben pas 48 jaar en vitaal en heb nog een hele carrière voor me. Ik heb al heel wat mails en telefoontjes ontvangen om te komen praten over de voortzetting van mijn loopbaan, maar daar wacht ik even mee.’

Hendrikse doet dus dingen waar tot recent geen tijd voor was, zowel privé als zakelijk. ‘Ik  weet, dat ik nog veel te jong ben om alleen nog maar ‘leuke’ dingen te doen. Op termijn ga ik beslist weer flink aan de slag, maar ik wacht met het oppakken van de draad tot na een reis die ik dit najaar maak en die me onder meer in Singapore, Australië en Maleisië zal brengen. In ieder geval zal ik twee Formule 1 races bezoeken – in het vastgoed weet iedereen dat ik daar een grote fan van ben – en familiebezoek. Ik beschouw de huidige periode niet als een sabbatical, want dan word je geacht helemaal niets te doen. Ik heb in ieder geval genoeg om handen.’

Pieter Hendrikse maakt, kort samengevat, een relaxte indruk. Hier zit geen man die diep teleurgesteld is dat zijn loopbaan als ceo EMEA bij CBRE Global Investors voorbij is. ‘Je voelt zo iets aankomen. Het gebeurt ook bij andere topondernemingen. Voor mijn mensen was het misschien een verrassing, maar voor mij niet. Een toppositie biedt nooit zekerheid en het kan van de ene dag op de andere voorbij zijn. Ik heb ruim vijf jaar – na de overname van een belangrijk deel van ING REIM door CBRE Global Investors – kunnen werken aan de integratie van twee grote bedrijven met verschillende culturen en aan de herstructureringen van de portefeuilles van de beleggers. Op een gegeven moment weet je dat je tijd gekomen is. We zijn op een uitstekende manier uit elkaar gegaan. Niets dan lof voor CBRE Global Investors. Mijn vertrek is in goede harmonie en met wederzijds respect verlopen. Nu ik kan terugkijken, ben ik alleen maar trots dat ik 17 jaar in leidinggevende posities heb kunnen verkeren bij de twee grootste vastgoedondernemingen in de wereld.’

 

IJzendijke

Als we elkaar spreken, is hij net de hele dag in zijn geboortedorp IJzendijke geweest, een klein plaatsje in Zeeuws Vlaanderen en nu vallend onder de gemeente Sluis. Hij is betrokken bij de productie van een nieuwe Nederlandse speelfilm, die de werknaam ‘Petit Paris’ heeft. ‘IJzendijke is een voormalig vestingplaatsje dat in de Napeleontische tijd de naam Petit Paris kreeg. De reden is bijzonder. Sommigen zeggen omdat het gebied al veel langer onder Franse invloed stond en veel contacten had met Wallonië. Anderen wijzen op de vele bars en kroegen met Franse namen. En Napoleon zou er daarom een van zijn administratieve centra hebben gevestigd.‘

Hendrikse is bij de film betrokken geraakt als participant, adviseur en medeprojectleider. ‘We hebben via sponsoren en crowdfunding inmiddels een kleine 1,5 miljoen euro opgehaald.  Het wordt een romantische komedie, een romkom, die zich afspeelt tegen de achtergrond van de huidige veranderende maatschappij, zoals deze ook een regio als Zeeuw Vlaanderen raakt. Jelle de Jonge wordt de regisseur. Hij  is bekend van tv series als Koefnoen, Cojones en Sluipschutters en maakte vorig jaar met Bon Bini Holland een succesvol speelfilmdebuut. De co-productie ligt bij Jan Lievens, de bedenker uit IJzendijke en NL Film en TV van Alain de Levita en Kaja Wolffers. Er zijn zes weken uitgetrokken om de film in september en oktober te draaien en de première staat gepland voor het najaar van volgend jaar.’

Zijdelings is Hendrikse ook als vrijwilliger betrokken geweest bij de Ocean Cleanup van Boyan Slat, onder meer bij de verhuizing van deze start up van Delft naar Rijswijk. Tevens zijn er contacten tot stand gebracht in Nederland en de VS voor funding en projectsupport. ‘De eerste test met de nieuwe methode vindt op dit moment plaats in de Noordzee, daarna kan bepaald worden of het ook in de Pacific lukt om zoveel mogelijk plastic uit de oceaan te halen.’

Dit voorjaar heeft hij tevens een lesmodule ontwikkeld voor de middelbare school over de verschillende situaties bij bedrijven en overheden. ‘Ik ben van mening dat in het middelbaar onderwijs de leerlingen te weinig worden voorbereid op de ondernemingswerkelijkheid. Ik heb daarom een lesmode van 4 uur ontwikkeld en ben naar het Sint-Maartenscollege in Voorburg gestapt. Daar heb ik dit jaar de module in praktijk gebracht in de vooreindexamenklassen Have en VWO, ‘Bedrijf en Overheid in het Echt’. Dat is heel goed aangeslagen en zal zeker een vervolg krijgen.’

 

Dufas-ULI

Is zijn betrokkenheid bij ‘Petit Paris’, het onderwijs en The Ocean Cleanup niet bepaald vastgoedgeoriënteerd, dat geldt niet voor zijn activiteiten voor Dufas, de Dutch Fund and Asset Management Association. ‘Ik ben bestuurslid van deze belangenorganisatie die in 2003 werd opgericht door in Nederland werkzame vermogensbeheerders en beleggingsinstellingen als ABN AMRO, Delta Lloyd, Fortis, ING, Lombard Odier, Optimix Vermogensbeheer, Robeco en Wereldhave. Dufas is een onafhankelijke vereniging die wordt bestuurd door in Nederland opererende asset managers. Wij vertegenwoordigen meer dan zestig grote en kleine marktpartijen. Tezamen bedraagt de Nederlandse markt voor vermogensbeheer per ultimo 2015 ongeveer 1300 miljard euro. Door de tijd die ik nu heb, kan ik voor Dufas meer betekenen. Binnen Dufas vertegenwoordig ik de vastgoedbeleggers, zowel in de listed als non-listed sector. Afgelopen mei is onder meer een bijeenkomst georganiseerd om te praten wat we met dat enorme kapitaal dat ter beschikking staat, kunnen doen. De vraag is of dit  kapitaal, dat wordt opgebracht door verzekeringnemers en pensioengerechtigden, niet intensiever in Nederland moet worden besteed om de ruimtelijke problemen aan te pakken. Dus om de ruimtelijke economie in Nederland beter op de kaart te zetten. Denk daarbij aan het oplossen van bijvoorbeeld de infra- en leegstandsproblematiek nu en in de toekomst in het brede kader van ruimtelijke invulling.’

Maar dat moet je niet aan de individuele wethouder overlaten. Klinkt misschien gek, maar Jan Pronk was in het Tweede Paarse Kabinet de laatste minister die duidelijke lijntjes trok. Wat we missen in Nederland is een minister van Ruimtelijke Ordening, iemand die samen met de financiële sector en de vastgoedbranche op een breed niveau zijn verantwoordelijkheid neemt. De balans, regie en coördinatie is weg in ons land. Op het gebied van infra, ruimtegebruik en ordening moet nog zoveel gebeuren. Ook daar zie ik een heel duidelijk rol voor de institutionele beleggers.’

Naast Dufas is Hendrikse ook nog lid van de uitvoerende raad van bestuur van ULI Europe. ‘Dat blijf ik voorlopig doen. Zeker zolang niet duidelijk is wat mijn nieuwe beroepswerkelijkheid wordt.’

 

Parkbee

Zijn belangrijkste vastgoedgerelateerde activiteit is zijn betrokkenheid namens een aantal private investeerders bij Parkbee. Als adviseur van de directie legt hij onder meer contacten met de eigenaren van grote parkeergarages en gemeenten. ‘Parkbee is in 2013 ontstaan als een start up van de jonge ondernemers Jian Jiang en Tom Buchmann. Zij stelden zich tot doel parkeerlocaties die worden gebruikt door ondernemingen en bedrijven, toegankelijker en goedkoper te maken voor het grote publiek, met name als ze na werktijd en in het weekeinde leegstaan.’

Op dit moment heeft ParkBee dat vorig jaar een partner vond in Parkmobile, zo’n 1800 parkeerplekken in een aantal grote steden in de aanbieding, waarbij de consument die zich heeft aangemeld, betaalbaar op toplocaties kan parkeren. Hendrikse: ‘Parkbee was, op het moment dat ik werd gevraagd om als strategisch adviseur te helpen, al in gesprek met een aantal grote partijen zoals Valad, DTZ Zadelhoff en de gemeente Rotterdam en ik probeer via mijn netwerk het aantal parkeerplaatsen verder uit te breiden. Het is heel simpel: via Parkbee kan de consument gebruik maken van de parkeerplaatsen die een bedrijf heeft afgenomen of in eigendom heeft, maar die niet worden gebruikt. De consument hoeft alleen maar de Parkmobile app te downloaden en zich aan te melden, kan op de www.Parkbee.com website zien welke parkeergarages en lege parkeerplekken in een stad beschikbaar zijn, rijdt daar naar toe en met een druk op de knop van de app gaat vervolgens de slagboom open. De facturering loopt via Parkmobile. Ik leg contacten via mijn netwerk om te zien of we het aantal parkeerplaatsen op korte termijn flink kunnen uitbreiden.’

Hendrikse ziet interessante mogelijkheden voor deze manier van goedkoper en effectiever parkeren, met name in grote steden. ‘Daarvoor hebben we zowel meer parkeerplaatsen als consumenten nodig die zich aanmelden. Op Veteranendag hebben we om die reden gratis parkeerplekken aangeboden in de drie parkeergarages die we in Den Haag hebben. Maar we zien ook mogelijkheden internationaal. Partner Tom Buchmann vestigt zich binnenkort in London om ook daar Parkbee uit de grond te trekken en daarvoor is samenwerking gezocht met Ringo, zeg maar de Parkmobile van Engeland.’

 

Sustainable

Voor Hendrikse is het sustainability-element een van de belangrijkste aspecten aan zijn betrokkenheid bij Parkbee. ‘Ruimte is schaars, zeker in de stedelijke gebieden. Daarom is het extra aantrekkelijk voor zowel gemeenten, eigenaren en exploitanten van parkeerplekken om ervoor te zorgen dat die leegstaande plekken gevuld worden.’

Betekent dat geen ongewenste concurrentie voor diezelfde eigenaren van parkeerplaatsen en in sommige steden ook van de gemeenten? Steden als Amsterdam en Rotterdam hebben zelf parkeergarages in eigendom en exploiteren ook nog parkeerplekken in de stad zelf. Waarom zouden zij dan overgaan tot het aanbieden van hun leegstaande parkeerplekken tegen lagere tarieven? ‘Dat de prijzen voor reguliere parkeerplekken zo liggen, als ze nu doen, heeft alles te maken met die schaarste aan ruimte en de ongewenstheid om auto’s langdurig in de stadscentra te laten parkeren. Daarom hebben bepaalde gemeenten expliciet gekozen voor de aanleg van parkeerplaatsen en garages. Desondanks blijven veel plekken daarin leeg staan. Met het faciliteren van een initiatief als Parkbee worden consumenten overgehaald alsnog betaald te gaan parkeren en krijgen de gemeenten toch iets terug voor hun anders leegstaande plekken. Dat geldt ook voor vastgoedeigenaren. Leegstaande plekken worden bezet en leveren extra geld op. Parkbee biedt dus op een andere manier parkeerplaatsen aan die er al zijn, maar die buiten werktijden onbezet zijn.’

 

Brexit

Pieter Hendrikse verveelt zich sinds zijn vertrek bij CBRE Global Investors geen moment. Dat is duidelijk. Heeft hij nog tijd en zin om de ‘echte’ vastgoedwerkelijkheid te volgen? ‘Ja zeker, dat blijf ik onverminderd doen. We zitten in Europa met de werkelijkheid van Brexit, hoewel niemand weet hoe die nieuwe werkelijkheid zal uitpakken. Wel durf ik te stellen dat de gevolgen voor vastgoed aanzienlijk zullen zijn.’

Hij ziet kansen voor Nederland: ‘Ik ondersteun initiatieven als Holland Financial Center 2.0. In welke vorm Brexit ook een daadwerkelijk vervolg krijgt, als Nederland er goed op inspeelt, kan het met zijn leidende expertise in de breedte van het financiële spectrum een soort center of excellence worden voor de rest van Europa en de wereld.’

Hendrikse put hoop uit de reacties in Groot-Brittannië, direct na de uitslag van de Brexit-raadpleging. ‘Jongeren in heel het land verwierpen de uitkomst. Ik heb in mijn banen altijd met jongeren gewerkt, dat is het leukste wat er is. Jongeren kijken anders naar de werkelijkheid en de toekomst dan de oudere generaties. Brexit heeft aangetoond dat het star vasthouden aan oude waarden en vooral bezit gevaarlijk is. Bezit is uit, gebruik is in. Dat zien de jongeren als geen ander. Als ik aan tafel zit met jongeren die bijvoorbeeld leiding geven aan start ups ervaar ik een hele andere, nieuwe werkelijkheid. Ondanks alle problemen in deze wereld, biedt dat perspectief en hoop.’

 

Over de auteur

Ruud de Wit is oud-hoofdredacteur van Vastgoedmarkt.

Dit artikel is gepubliceerd in Vastgoedmarkt van september 2016

 

 

 

 

 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels