nieuws

Liever een hele of halve balans?

Geen categorie

In de aanloop naar en introductie van IFRS 11, per 1 januari 2014, is er veel discussie geweest over IFRS 11 (Joint Arrangements) met als belangrijkste vraag: In welke gevallen kan ik nog proportioneel consolideren? Deze vraag werd vooral ingegeven door het feit dat proportionele consolidatie alleen dan nog is toegestaan als twee of meer partners in een samenwerkingsverband, naast gedeelde beschikkingsmacht waarbij beslissingen alleen met unanimiteit kunnen worden genomen, gelijke rechten tot de activa en passiva hebben. In alle andere gevallen geldt de equity methode waarbij slechts het aandeel in het eigen vermogen (verhoogd met toe te rekenen goodwill) en resultaat op de balans respectievelijk winst- en verliesrekening van de participant verschijnt.

De IASB gaf bij de introductie aan dat de nieuwe standaard zal leiden tot consistentie in de verwerking van joint arrangements (samenwerkingsverbanden) in de geconsolideerde jaarrekening van de participanten. Onder de vorige standaard was er een keuze tussen proportionele consiolidate en equity accounting. Deze keuze mogelijkheid werd afgeschaft. Hierdoor zou de vergelijkbaarheid tussen ondernemingen toenemen en wordt de transparantie vergroot. Tot slot wordt de jaarrekening begrijpelijker omdat van slechts één principe wordt uitgegaan bij de verwerking van belangen in joint arrangements, namelijk de rechten-en- verplichtingenbenadering. Waar staan we nu?

Hoofdelijke aansprakelijkheid Bij veel samenwerkingsverbanden is sprake van hoofdelijke aansprakelijkheid. Toch is deze hoofdelijke aansprakelijkheid naar de mening van velen niet voldoende om tot proportionele consolidatie over te gaan. Hoofdelijke aansprakelijkheid heeft namelijk alleen betrekking op de credit zijde van de balans en geeft nog niet per definitie rechten tot de activa. Maar stel dat er sprake is van een faillissement en een aandeelhouder wordt aangesproken op zijn hoofdelijke aansprakelijkheid; geeft hem dat niet ook indirect, door de verhaalsmogelijkheden welke hij heeft, rechten tot de activa?

De effecten IFRS 11 heeft tot stand gebracht wat werd verwacht, namelijk massale overgang van proportionele consolidatie naar equity accounting; belangrijke balansverkorting. Binnen de vastgoedsector was dit onder andere van belang voor beleggers in winkelcentra. In de praktijk worden veel grootschalige winkelcentra gehouden door twee partijen. De effecten voor een aantal spelers zijn onderstaand in kaart gebracht:

 

Bedrijf

Effect

Eurocommercial Properties

Geen invloed per 30 juni 2014; 2 nieuwe joint arrangements worden per 30 juni 2015 verwantwoord volgens de equity methode.

Unibail Rodamco

6 entiteiten worden in 2013 (voortijdige toepassing van IFRS 11) proportioneel geconsolideerd; 29 volgens de equity methode.

Klépierre

28 entiteiten die voorheen proportioneel werden geconsolideerd worden nu volgens de equity methode verantwoord.

Hammerson

Een 10 tal samenwerkingsverbanden worden nu verantwoord volgens de equity methode, leidend tot een afname van het beleggingsvastgoed met bijna 1/3.

 

 

Ongewenste effecten? Binnen de bouwwereld worden veel grote infrastructurele projecten in samenwerkingsverbanden gerealiseerd. Voor veel van deze verbanden geldt hoofdelijke aansprakelijkheid voor de participanten. Niettemin worden veel van deze samenwerkingsverbanden nu verantwoord volgens de equity methode. Een goed voorbeeld is Skanska. Het aandeel in het resultaat van de divisie infrastructuur bedraagt over 2014 6%. Op de balans verschijnt het aandeel in de samenwerkingsverbanden voor ongeveer 2,5% van het balans totaal. Deze joint ventures, waar Skanska gemiddeld een belang in heeft van iets meer dan 50%, hebben gezamenlijk schulden[1] welke een veelvoud betreffen van de schulden die Skanska zelf verantwoord.

 

Een veel gehoord tegenargument is dat IFRS 12 (de standaard die de toelichtingsvereisten op IFRS 11 regelt) dwingt om verkorte balans en winst en verliesrekening informatie van de samenwerkingsverbanden te geven in de toelichting. Dan kunnen gebruikers op deze manier toch kennis nemen van deze schuld posities? De werkelijkheid is echter dat veel gebruikers niet de moeite nemen om de hele jaarrekening tot zich te nemen, mede omdat deze door alle IFRS toelichtingsvereisten soms wel meer dan 100 bladzijden beslaat.

 

Saillant detail is dat het doel van de nieuwe leasing standaard is de schulden samenhangend met leaseverplichtingen, met ingang van 1 januari 2018, juist op de balans te krijgen. Deze verschijnen nu toch ook in de toelichting? Meten met twee maten?

 

Wat willen gebruikers? Hammerson schrijft in haar jaarrekening 2014 dat de management focus zich juist richt op de proportioneel geconsolideerde resultaten van joint ventures. Zij neemt dan ook uitgebreide pro forma overzichten op waarin de joint ventures proportioneel worden geconsolideerd.

In de jaarrekening 2015 gaat Unibail Rodamco dit nu ook doen. Op bladzijde 51 en verder van het pers bericht wordt een pro forma winst en verliesrekening en balans opgenomen waarin alle samenwerkingsverbanden proportioneel worden geconsolideerd. Hoewel het effect wel mee valt (iets meer dan 1% op de netto huuropbrengsten en ca. 4% op het beleggingsvastgoed) bestond er toch duidelijk behoefte aan deze informatie. Jaap Tonckens, CFO: “Analisten en investeerders hadden behoefte aan deze informatie en de presentatie van deze pro forma overzichten werd met veel enthousiasme ontvangen”.

Conclusie Een jaar na invoering van IFRS 11 is niet iedereen even enthousiast over deze nieuwe standaard. De verslaggevingsexperts roepen in koor dat de standaard heeft geleid tot meer vergelijkbaarheid en transparantie maar de werkelijkheid is dat veel gebruikers van jaarrekeningen behoefte hebben aan financiële informatie welke is gebaseerd op de oude methode van proportioneel consolideren. Ging het juist niet om deze gebruikers?


[1] Daarmee is niet gezegd dat Skanska in alle gevallen ook hoofdelijk aansprakelijk is.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels