nieuws

Redenen voor een positieve blik

Geen categorie

Als waarnemer en consultant in de horeca ben ik al jarenlang werkzaam in de Nederlandse markt. Nederland heeft me altijd geïnspireerd vanwege zijn design, zijn horeca en zijn ‘sociale ontmoetingsplaatsen’ die op een geheel natuurlijke manier lijken te ontstaan in winkelstraten en winkelgebieden door het hele land.

Iedereen was geschokt toen V&D, als grootste Nederlandse warenhuisketen, op de laatste dag van 2015 failliet ging. De in 1887 opgerichte winkelreus had ruim 60 warenhuizen. Van de 250 bijbehorende La Place-restaurants in heel Nederland is inmiddels een deel overgenomen door Jumbo. La Place is een legendarisch horecamerk: iedereen kent het en voor veel mensen is het een referentiepunt en een eersteklas horecabedrijf. Toch vinden de Nederlanders het niets bijzonders. In het Verenigd Koninkrijk zijn we jaloers op zo’n bedrijf, vanwege de enorme diversiteit aan producten en de zorg, liefde en aandacht waarmee ze worden bereid.

Het consumptieaspect van eten vindt nooit online plaats. Je kunt eten bestellen via internet, je kunt online betalen, je kunt de bezorging volgen via je telefoon, maar je moet het wel zelf opeten. Je kunt niet ‘virtueel’ genieten van lekker eten en drinken. En juist omdat andere onderdelen van de vastgoedwereld moeite hebben met het wispelturige karakter van retailtransacties, online, internet en ‘clicks and bricks’, ben ik er heilig van overtuigd dat eten een belangrijke bijdrage blijft leveren aan onze beleving van de omgeving en aan onze ervaringen.

 

Consumentenvertrouwen 

Mijn collega Chris van Kaam, head of Retail JLL Nederland, vertelde mij dat de retail-beleggingsmarkt dit jaar in trek is in de Nederlandse markt. Investeerders profiteren van het toenemende consumentenvertrouwen, aantrekkelijker geprijsde beleggingsobjecten en een over het algemeen positiever oordeel over de retailsector. Hoe kan dat, gezien de enorme online concurrentie en het debacle van V&D? Het Nederlandse bbp groeit dit jaar naar verwachting circa 2,1 procent. Deze aanzienlijke toename heeft een positieve invloed op retail-beleggingsobjecten, in winkelstraten en in retailparken in de steden en erbuiten, maar uiteraard ook op winkelcentra en warenhuizen.

We leven in een cyclische wereld: het is een natuurlijk gegeven dat de waarde van beleggingsobjecten fluctueert en dat bepaalde categorieën populair zijn, of juist niet. De kunst blijft echter om op het juiste moment toe te slaan. Ik maak nu deel uit van het wereldwijde team van JLL en het staat buiten kijf dat de waarde van beleggingsobjecten in de horecabranche toeneemt. Eigenaren en ontwikkelaars kunnen met eten échte vermogenswaarde creëren. Het creëren van sterke horeca, ‘sociale ontmoetingsplaatsen’ en ‘plaatsen voor het publiek’ is dan ook goed voor de retailpanden, voor de ruimtebeleving en voor het plezier van onze gasten, de consumenten. Zij geven hun geld uit en krijgen daar een ervaring voor terug.

 

Ervaring 

Het gaat niet meer alleen om ‘groot en mooi’, maar ook om aspecten als urban, merkloos en cool – in feite overal waar mensen kunnen samenkomen en een geweldige ‘ervaring’ kunnen krijgen. De retailwereld maakt onmiskenbaar een ingrijpende verandering door: alles draait alleen nog maar om ‘ervaring’. Het winkelcentrum is uit, het belevingscentrum is in. Retail is nu nog een transactie, een overeenkomst, maar het moet een ervaring worden. Denk daar maar eens over na.
Mensen willen het leuk hebben. Als het slecht gaat met de economie gaan ze naar horecagelegenheden en betalen ze voor dingen waardoor ze zich beter voelen. Geheel tegen de verwachting in steeg de omzet van koffiebars tijdens de recessie. Waarom zouden mensen die minder te besteden hebben hun geld uitgeven aan dure koffie? Ons onderzoek toonde aan dat ze zichzelf wilden verwennen. Die nieuwe jas of die vakantie konden ze zich niet veroorloven, maar ze gingen het er toch even lekker van nemen met een ‘minivakantie van vijftien minuten’ in de vorm van een double chocolate mocha met slagroom. Dat was hun manier om toch die geweldige ervaring te kunnen beleven.
Van mijn collega Sven Bertens, head of Research JLL Nederland begreep ik dat als reactie hierop het consumentenvertrouwen in Nederland daalde van +4 in januari 2016 naar -1 in februari. Het is voor het eerst sinds februari 2015 dat het vertrouwen negatief is en dat komt omdat consumenten minder optimistisch zijn over de economie, terwijl ook de koopdrang afneemt. De cijfers over het consumentenvertrouwen in Nederland worden bekendgemaakt door het CBS en zijn gebaseerd op een telefonisch onderzoek onder 1000 huishoudens. Hierbij wordt de consument gevraagd naar zijn mening over de landelijke economie en naar de eigen financiële situatie, zowel over de afgelopen twaalf maanden als de verwachting voor de komende twaalf maanden. Dit is overigens slechts een deel van het verhaal: het onderzoek gaat niet in op de ‘omschakeling’ in het bestedingsgedrag van de consument.

Voorbeeld: het CBS maakte ook bekend dat de door hotels, restaurants, snackbars en cafés gerealiseerde omzet in het vierde kwartaal van 2015 steeg met 0,6 procent ten opzichte van het derde kwartaal. De omzet is nu bijna drie jaar op rij gestegen. Snackbars, waaronder tearooms en ijssalons, behaalden de beste resultaten. De omzetgroei in het vierde kwartaal van 2015 was voornamelijk gebaseerd op hogere verkoopcijfers, terwijl de consumentenprijzen nauwelijks stegen. Hieruit kun je concluderen dat mensen vaker uitgaan.
Het afgelopen jaar realiseerde de sector een omzetgroei van 5,7 procent ten opzichte van 2014, het hoogste groeipercentage in vijftien jaar. De omzet van snackbars steeg het sterkst. Onze gewoonten veranderen, net als de hoeveelheid geld die we aan verschillende dingen uitgeven en de tijd die we daaraan willen besteden.
Ik ben dus, zoals u waarschijnlijk al hebt gemerkt, redelijk optimistisch over de economische situatie in Nederland. Het consumentenvertrouwen mag dan misschien zijn gedaald, consumenten geven meer geld uit aan ‘ervaringen’. Tegelijkertijd zijn ze voorzichtiger met hun retailaankopen, net als het grootste deel van de rest van de wereld.

Alles draait om ervaring. Wen er maar vast aan.

 

Over de auteur

Jonathan Doughty is head van EMEA Foodservice Consulting bij JLL.

Dit artikel is verschenen in Vastgoedmarkt van maart 2016 

 

 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels