blog

Dossier mobiliteit: kansloze missie of noodzakelijke inbreng?

Financieel

De schoonstenen roken weer flink in de bouw- en vastgoedsector. De beleggingsmarkt vestigt record na record. De woningbouwproductie moet tot ongekende hoogten worden opgedreven. De rente is vooralsnog laag, de vraag hoog, het aanbod gering. Wat willen we nog meer?

Dossier mobiliteit: kansloze missie of noodzakelijke inbreng?
Tom Berkhout

Nou, bijvoorbeeld dat we ook daar kunnen komen waar we moeten zijn. En laat dat in de dichtslibbende Randstad met zijn vele economische trekpaarden nu net een dagelijks groeiend probleem zijn.

Onder het verzwegen motto ‘Geld maakt alles mogelijk’ investeert het ministerie van Infrastructuur en Milieu dit jaar 6,2 miljard euro in de Nederlandse infrastructuur. Er komt 268 kilometer aan nieuwe rijstroken bij om de files wat minder lang te maken. Al zullen die in dit toch al overbevolkte land met zijn jaarlijks groeiende bevolking hooguit wat breder worden. Ook wordt ingezet op de ontwikkeling van ‘nieuwe technieken’ die kunnen bijdragen aan een snellere doorstroming van het verkeer. Dit lijkt misschien veel, maar sommige bestuurders denken er heel anders over.

Verhoog ritfrequentie trein en metrolijnen

Zo stelt de nieuwe directeur van de RET dat Nederland een deltaplan nodig heeft voor de mobiliteit in de Randstad. Tot 2035 is volgens hem jaarlijks 1 miljard euro extra nodig. Onder veel meer voor het ombouwen van trein- naar metrolijnen en het verhogen van de ritfrequentie. Zo niet, dan verliest de Randstad volgens hem de concurrentieslag met metropolen als Londen, Parijs en het Ruhrgebied. En dat mag natuurlijk nooit gebeuren. Het Rotterdamse openbaar vervoersbedrijf merkt nu al dat het steeds drukker wordt in de metro. Volgens de directeur is er in het stuk tussen Rotterdam en Den Haag in de spits zelfs sprake van ‘Japanse toestanden.’

Metropolen als Londen en Parijs steken veel geld in het verbeteren van het openbaar vervoer: Londen 20 miljard, Parijs 35 miljard. Ook de steden in het Ruhrgebied steken veel geld in openbaar vervoer. Ik denk dat de directeur hier een goed punt heeft. De postzegel Singapore (grootte Noordoostpolder) investeert alleen al 17 miljard in beter OV, zodat iedereen op maximaal 10 minuten lopen van een metrostation woont. Kom daar In Nederland eens om.

Scheidslijnen tussen vervoersmodaliteiten vervagen

Ruim een jaar geleden verscheen een rapport van de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur met de optimistische titel: ‘Dichterbij en sneller. Kansen voor betere bereikbaarheid in stedelijke regio’s.’ De raad is een onafhankelijk college dat de regering en het parlement gevraagd en ongevraagd strategische adviezen geeft op het gebied van ontwikkeling van de leefomgeving en de infrastructuur. Het rapport bevat een doorwrochte analyse en op zich geen verrassende conclusies. De raad constateert dat wet- en regelgeving, financieringssystematiek en de fiscale behandeling van mobiliteit een echt samenhangende benadering van bereikbaarheid in de weg staan. ‘Het beleid- en wetgevingsstelsel is nu danig verkokerd en sluit niet aan bij de vervaging van scheidslijnen die gaande is, tussen vervoersmodaliteiten en typen ruimtegebruik. Omdat de onzekerheden zo groot zijn, is beleid noodzakelijk dat kan inspelen op veranderingen en innovaties.’ Nu hoor ik de cynici al smalen: een kansloze missie om daarop in te spelen. Als er iets ongrijpbaar is in Nederland, dan is het wel ‘beleid.’

Wat heeft dit voorgaande nu met de vastgoedbranche te maken? Wel, eigenlijk alles. Maar het blijft oorverdovend stil waar een luide stem gewenst is. In de vastgoedpers bijvoorbeeld lezen we nog weinig over bereikbaarheid en mobiliteit. En dat is vreemd. Want om ergens te kunnen wonen en werken, moet je er wel kunnen komen. Ondertussen bemoeien allerlei ministeries, provincies, wethouders, vervoerders en organisaties als de ANWB zich met de mobiliteitsproblematiek. Terwijl bestuurders, beleidsmakers en praktijkdeskundigen uit de bouw- en vastgoedsector op dit terrein meer dan gewenst hun figuurlijke steentje zouden behoren bij te dragen. Achteraf klagen over te nauwe of gevaarlijke toegangswegen, te weinig parkeerplaatsen of ondoordacht geplande ov-haltes komt dan niet sterk over.

Over de auteur
Tom Berkhout is professor Real Estate aan Universiteit Nyenrode

Deze column is verschenen in Vastgoedmarkt van januari 2018

Reageer op dit artikel